Posts tonen met het label hormonen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label hormonen. Alle posts tonen

maandag 5 oktober 2009

Nu weet ik het zeker: ik slaap te weinig!

Overgewicht is al jarenlang één van mijn problemen.
Ik probeer er met vallen en opstaan wat aan te doen.
Maar met meer vallen dan opstaan. Het blijft me achtervolgen.
Mijn fietskuren hebben wel een positief effect, maar met de wintermaanden voor de deur ziet dat er niet al te haalbaar meer uit.
En fietsen op een hometrainer hou ik niet lang genoeg uit.

In het mei-nummer van Psychoneuroendocrinology hebben ze me nu duidelijk gemaakt dat er een (bijkomende) reden bestaat waarom er teveel kilootjes aan hangen: ik slaap ‘s nachts onvoldoende.
6 uur per nacht is ruim anderhalf uur te weinig!
7,5 uur is een minimum.
De groep wetenschappers van het Cousins Center for Psychoneuroimmunology van de University of California te Los Angeles, tonen in het artikel aan dat je kan vermageren door voldoende te slapen! Mijn moederke moest het eens horen!
 
image

zondag 12 juli 2009

Moleculen die het hem deden en dikwijls nog doen

De Chemical Heritage Foundation (CHF) in Philadelphia heeft specialisten een rangschikking laten opmaken van de 10 moleculen die een belangrijke invloed gehad hebben op de samenleving van de 20ste eeuw.
Ik geef jullie het rijtje met wat toelichting en eigen commentaar.
Denk eraan dat het rijtje geen rangschikking inhoudt.
Dus nummer 1 is niet noodzakelijk de bijzonderste molecule.

  1. Aspirine of acetylsalicylzuur.
    image
    Een overbekende pijnstiller en een koortswerend middel.
    Voor aspirine worden nog steeds nieuwe toepassingen ontdekt.
  2. Iso-octaan.
    image
    Het basisbestanddeel van benzine.
    Bedenk hoe de verplaatsing met de auto in de voorbije eeuw een ware explosie heeft gekend.
  3. Penicilline.
    image
    Een antibioticum dat de mensheid voor het eerst in staat stelde om bacteriële infecties doelmatig te bestrijden.
    De infectieziekten verloren de strijd, maar kanker stak meer en meer de kop op.
  4. Polyethyleen.
    image
    Een plastic gebruikt in plastic zakken en andere producten.
    Denk plastic maar eens weg uit ons leven. Kijk maar eens rond waar je nu zit terwijl je dit leest.
  5. Nylon.
    image
    Het eerste commercieel succesvolle synthetische polymeer, dat in van alles en nog wat gebruikt werd (en wordt): van nylonkousen (met of onder naad) tot tandenborstels en parachutes.
  6. Desoxyribonucleinezuur (DNA).
    DNA
    Een molecule (waarvan je hierboven een klein stukje ziet) die de genetische informatie bevat voor de ontwikkeling en het functioneren van elk levend wezen, maar… ook van een virus.
    De ontdekking van de structuur in 1953 veroorzaakte een ware revolutie in de moleculaire biologie.
  7. Progestine.
    image
    Een synthetische molecule gebruikt in de hormonale contraceptie (de pil) en in therapeutische toepassingen.
    De periodieke onthouding werd in de 20ste eeuw in de vergeethoek geduwd.
    Als medisch afgevaardigde voor Schering AG ben ik, in de vroege jaren ‘70 de dokters en doctoraatstudenten gaan “warm” maken voor de laag gedoseerde Schering-pil.
  8. Dichlorodiphenyltrichloroethane (DDT).
    image
    Een synthetisch pesticide dat enorm bijgedragen heeft tot het bestrijden van gevaarlijke ziekten zoals vlektyfus.
    Maar de zeer slechte afbreekbaarheid en de schadelijkheid voor de mens zijn de nadelige aspecten.
    Toch wordt het in lage concentraties nog altijd gebruikt in ontwikkelingslanden.
  9. Prozac.
    image
    Een vorm van fluoxetine hydrochloride.
    Een (te?)veel gebruikt en effectief antidepressivum.
  10. Buckminsterfullerene.
    image
    Ook gekend als buckyball.
    Een relatief recent (1985) ontdekte vorm van koolstof.
    Na die ontdekking kwam de ontwikkeling van nanobuisjes volop op gang en sindsdien ontstaan er steeds nieuwe supersterke composietmaterialen.

Wie in de eerste helft van vorige eeuw geboren werd, realiseert zich dikwijls te weinig dat hij de geboorte van al die chemische nieuwigheden heeft meegemaakt.
We zijn het allemaal zo snel gewoon.

zaterdag 4 juli 2009

Over groenten, fruit en vitamine C

We hebben thuis geen groetentuintje.
Voor groenten zijn we aangewezen op de supermarkt.
Of… op onze buurman Romain.
Romain heeft een klein hofken én een serreke. Met lekkere sla en tomaten en boontjes.

We mogen regelmatig eens langs gaan. Voor een krop lekker verse krulsla b.v. vol vitamine C. Want van zijn serre naar ons bord gaat er weinig tijd verloren en dus verdwijnen er ook weinig vitamines.

Dat is het verschil met de sla uit de rekken van de supermarkt.
Hoeveel tijd zit er dan niet tussen de oogst en het bord?
Hoeveel vitamine C blijft er dan nog over?
Bij de hoge zomertemperaturen schat ik het verlies op ruim 50%.
Alles zal natuurlijk afhangen van de behandeling en de opslag.
En de tijd dat je slaatje in de hete auto moet liggen stoven.
Want vitamine C is geen van de stabielste vitamines.
Vitamine C is de gebruiksnaam voor ascorbinezuur.
En zelfs ascorbinezuur is nog een gebruiksnaam voor wat de scheikundigen
(2R)-2-[(1S)-1,2-dihydroxyethyl]-4,5-dihydroxyfuran-3-on
noemen. Amaai!
De moleculestructuur van ascorbinezuur wordt gemakkelijk geoxideerd, waardoor ze haar werkzaamheid verliest. Het (kleine) verschil tussen de structuur van ascorbinezuur en die van zijn niet werkzame geoxideerde vorm, zie je hieronder.

oxidatie ascorbinezuur
Maar als vitamine C zo gemakkelijk oxideert, is er dan kans dat we te maken krijgen met een vitamine-C-tekort?
Dit is vrijwel uitgesloten.
Vitamine C komt in voldoende hoge concentratie voor in groenten en fruit.
Ondanks de afbraak door oxidatie kom je via je eten toch nog gemakkelijk aan de nodige 100 mg per dag.
Als je voldoende groenten en fruit eet tenminste.
De hoogste gehaltes vind je bij de volgende soorten. Maar denk eraan dat die gehaltes in verse toestand bij de oogst bepaald zijn:

groentenenfruit
En zelfs zonder groenten en fruit krijgen we tegenwoordig nog extra porties vitamine C binnen.
Van het feit dat vitamine C zo gemakkelijk oxideert, maakt men immers handig gebruik om het als anti-oxidant E300 aan allerlei voedingsmiddelen toe te voegen. Kijk maar eens op de verpakkingen van salami, worst, ham, kaas, brood, yoghurt,…
Het toegevoegde ascorbinezuur in deze voedingsmiddelen wordt door de luchtzuurstof sneller geoxideerd dan het verpakte product zelf. Daardoor bederft het product niet vlug. Vitamine C verlengt dus de houdbaarheidsdatum.

Waarom is vitamine C nu zo belangrijk voor de mens?
Omdat ons lichaam er levensnoodzakelijke hormonen kan van maken. Daarom vinden we de hoogste concentraties in de bijnieren en de hypofyse, onze hormonenfabriekjes bij uitstek.
Maar de anti-oxiderende werking zorgt er ook voor dat ons lichaam verlost geraakt van schadelijke vrije radicalen. Die agressieve vrije radicalen ontstaan in onze cellen als niet te vermijden bijproduct van de stofwisseling.

Volgens sommigen hangt de concentratie aan vrije radicalen in onze cellen samen met een verhoogd risico op kanker.
Linus Pauling, de dubbele Amerikaanse nobelprijswinnaar (voor chemie in 1954 en voor de vrede in 1962) was een fervent voorstander van het dagelijks innemen van hoge dosissen vitamine C (tot 10 g per dag!) om kanker te voorkomen.
Ook de geriater Dr. Herman Le Compte was een aanhanger van het gebruik van grote hoeveelheden vitamine C.

In mijn jonge jaren (40 jaar geleden dus) heb ik daar ook aan meegedaan. Ik heb toen een paar jaar lang 2 tabletten van 500 mg vitamine C per dag geslikt (de minimumdosis die Pauling voorschreef).
Tot er in de literatuur berichten verschenen over de negatieve effecten van hoge dosissen. Die berichten werden in 2001 bevestigd door een onderzoek van prof. Ian Blair van het Center for Cancer Pharmacology van de Universiteit van Pennsylvania.

Wat er ook van zij: Linus Pauling is 93 jaar oud geworden en Herman Le Compte werd (slechts?) bijna 80.
Ik hoop op iets er tussenin, voorlopig zonder extra vitamine C…

zaterdag 13 juni 2009

Roddel je gezond

Het leven wordt met de dag plezieriger.
Wat vroeger zonde was en dus moest gebiecht worden om niet voor eeuwig in het helse vuur te moeten branden, wordt tegenwoordig een “must”.
Wat vroeger niet mocht, blijkt nu gezond te zijn.
Als je dus wat vroeger zonde was nu wél doet, kan je misschien wat langer leven.
En...dan kom je wat later in de hel. Aan u de keuze.


Neem nu roddelen.
Die ogenschijnlijk verfoeilijke bezigheid die voortdurend de kop opsteekt als een groepje (en 2 is soms genoeg) mensen samenzitten.
Stephanie Brown en haar collega's van de universiteit van Michigan (VS) publiceren in het juninummer van het tijdschrift Hormones and Behavior een onderzoek over de gunstige effecten van roddelen.
En het gaat volgens hen dan niet alleen om het feit dat lustig kwaadspreken een positieve emotionele band schept tussen roddelaars. Neen, er is ook een lichamelijk effect.
Ze hebben namelijk vastgesteld dat bij roddelende vrouwen de concentratie aan progesteron in het speeksel verhoogd was.
En dat is positief, want progesteron is een hormoon dat het gevoel van welbevinden verhoogt en stress en angstgevoelens verlaagt.
Progesteron is één van de voornaamste vrouwelijke geslachtshormonen. Tijdens de 2de helft van de vrouwelijke cyclus (dus na de eisprong) en vooral tijdens een zwangerschap wordt het door een vrouwenlichaam in vrij hoge concentraties geproduceerd.
Maar ook in het mannenlichaam wordt progesteron aangemaakt. In de bijnierschors namelijk.

Bijnier
Dus: ons roddel-je-gezond-verhaal kan ook voor mannen opgaan.
Roddel er dus maar op los, dames én heren.
Maar overdrijf niet.
Want met een “te” ervoor is nooit goed.
Dat wist mijn moederke al, zonder uitgebreide studies.
“Zelfs tevreden is niet goed” zei ze, want als je daar “te” voorzet wordt dat “te tevreden”.
En dat deugt natuurlijk ook niet.