Posts tonen met het label dieet. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dieet. Alle posts tonen

donderdag 8 maart 2012

Super menu: vis met bosvruchten en aardbeien

Het begint hier stilaan op een aflevering van Dagelijkse Kost te lijken.
Vorige week woensdag liet ik hier nog weten dat je meer vis moet eten om je hersenen fit te houden.
Vandaag kan ik jullie melden dat een bessen- en aardbeienslaatje daar nog een schepje bovenop doet.


Vervang het potje roomijs door een verse pladijs…


Uit een onderzoek dat zeer recent in het Journal of Agricultural and food Chemistry verscheen, blijkt dat zo’n bessenmenu zeer gunstige effecten heeft op onze hersenactiviteit en dat het ook het verzwakken van het geheugen bij het ouder worden kan tegengaan.
Waar de vis zijn positieve werking te danken heeft aan de hoge concentraties aan omega-3 vetzuren, zijn het bij de bessen de hoge concentraties aan anti-oxidanten die het hem doen.
Daarenboven beïnvloeden bepaalde bestanddelen in deze fruitsoorten ook de wijze waarop neuronen in onze hersenen signalen aan elkaar doorgeven.
Wat die bestanddelen precies zijn moet nog verder uitgezocht worden.

Laat ze maar verder zoeken.
Maar intussen weten we al wat ons te doen staat: eet meer vis met bosvruchten en aardbeien.
Het is lekker, gezond en je blijft er geestelijk fit mee.
Alleen: je kan dat zomaar niet bij elkaar op je bord mikken.
Dat wordt een uitdaging voor Jeroen, Piet en… Mia om daar iets appetijtelijks mee te creëren.
Ik ben benieuwd.

vrijdag 6 januari 2012

Pré-dieetpuzzeltje

Het begin van een nieuw jaar valt meestal samen met nieuwe (of vernieuwde) goede voornemens.
Ook bij mij is dat het geval.
Ik heb mij voorgenomen (en beloofd aan Mia) dat ik (weer eens) iets aan mijn overgewicht ga doen.
Want ik zit immers duidelijk in het rode BMI-gebied.
Hoeveel ik weeg is geen geheim, maar als je er wil achter komen moet je de eerst dit pré-dieetpuzzeltje oplossen…

benen,diëten,fitness,fotoafdrukken,gewichten,gewichtsbeheersing,gewichtsverlies,gezondheidszorg,huishoudens,personenweegschalen,voeten,weegschalen,wegen


Gisterenvoomiddag zijn Mia, ons Leen en ik twee aan twee samen op de weegschaal gaan staan.
Dat was wel even dringen, maar met vallen en opstaan lukte het toch.
Dit is het resultaat van de drie wegingen: 148kg, 146kg en 108kg.
Ik ben met voorsprong de zwaarste van ons drietal. Hoeveel woog ik gisterenvoormiddag?
Je mag natuurlijk ook berekenen hoeveel Mia en Leen wegen, maar dat mag geheim blijven.


Laat het me weten tegen zondagavond: herve.tavernier2@pandora.be
Maandag om 21.30u. out ik mij hier over mijn gewichtstoestand van donderdagvoormiddag 05-01-2012.
Als ‘t lukt weeg ik maandagavond al…100g minder…

woensdag 25 augustus 2010

Drink je mager

image
Neen niet met een glas cola natuurlijk. Zelfs niet met een glas cola light.
Water moet het zijn.
Twee grote glazen water vóór elke maaltijd zouden moeten volstaan om je op relatief korte tijd een paar kilo’s te doen verliezen. Als dat nodig is natuurlijk.

Eigenlijk niets nieuws onder de zon.
Dat waterverhaal heb ik al jaren geleden gehoord. En al uitgeprobeerd ook. Maar zoals zoveel andere remedies tegen overgewicht, helpen ze niet als je ze niet met sterke discipline volhoudt. En als je er niet voor zorgt dat je energieverbruik hoger is dan je energieopname.
In elk geval die oude waterwijsheid is nu bevestigd door een heus wetenschappelijk onderzoek, waarvan de resultaten zeer recent werden gepresenteerd op de National Meeting of the American Chemical Society.
En wie durft er dan nog aan twijfelen.
Het onderzoek werd gedaan door wetenschappers van de Technische universiteit van Virginia (Virginia Tech), onder leiding van Brenda Davy (die zo gezien niet erg veel nood heeft aan een waterkuur…).
De proefgroep bestond uit 48 volwassenen tussen de 55 en de 75 jaar.
De proefpersonen volgden allemaal gedurende 12 weken een laag-calorieën-dieet.
De helft van de groep dronk vóór elke maaltijd een halve liter water (16 ounces).
De andere helft deed dat niet.
En voilà: na de 12 weken waren de waterdrinkers gemiddeld een goeie 7 kg afgevallen, terwijl de niet-waterdrinkers slechts 5 kg afvielen.
De verklaring is zo logisch als ze wetenschappelijk is:
  • water vult en vermindert zo de behoefte aan meer eten
  • wie water drinkt, drinkt wellicht geen gesuikerde frisdranken meer bij het eten
  • water = 0 kilocalorieën
Enfin, oude wijsheid of nieuw wetenschappelijk onderzoek: ik ga het nog maar eens opnieuw proberen.
Mia zet de Spa blauw maar klaar.
Amaai, nog 12 weken te gaan…

donderdag 8 juli 2010

Een rood wijntje om oud te worden? Niet meer zeker!

De theorie én de overtuiging zijn intussen wijd verspreid: anti-oxidanten kunnen ons leven verlengen.
Ze zorgen immers voor een vermindering van de oxidatieve stress veroorzaakt door de vrije radicalen (meestal zuurstof radicalen – ROS = reactive oxygen species) die zich in onze cellen opstapelen.
Regelmatig een voorraad antioxidanten verorberen is dus de boodschap.
Dagelijks een paar glaasjes rode wijn, een flinke portie vitaminen, verse groenten, vers fruit, fruitsap,… en we worden lekker oud.
Dat heb ik hier vroeger al meer dan eens verkondigd.
 
image
Het zal zeker niet slecht zijn.
Maar of het echt helpt?
Onderzoekers van de McGill University in Montreal Canada hebben zo hun twijfels.
Ze zijn er van overtuigd dat het niet de vrije radicalen zijn in onze ouder wordende cellen die ervoor zorgen dat we het hier minder lang uithouden.
En dus zijn het ook niet de anti-oxidanten uit die lekkere en gezonde dingen van hierboven die ons bestaan kunnen rekken.
Hun onderzoek, gepubliceerd in PLoS Genetics, toont aan dat het het ontstaan van ontstaan van vrije radicalen een gevolg is van het ouder worden en niet de reden waarom we minder langer zouden leven.

In hun experimenten werkten ze wel niet met mensen, maar met een wormsoort, de Caenorhabditis elegans.

image

Bij die wormen blokkeerden ze vijf genen die eiwitten produceren die vrije radicalen vernietigen.
De vrije radicalen bleven dus aanwezig.
En dit bleek geen verkortend effect te hebben op de levensduur van de wormen.
Integendeel, een bepaalde variëteit van de wormen, leefde zelfs gemiddeld langer als de vrije radicalen niet vernietigd werden!
De variëteit wormen langer bleef leven, bleek een variëteit te zijn die een vertraagd metabolisme vertoonde ten gevolge van de werking van de vrije radicalen op de energieproductie in de cellen van die wormen!

Mensen zijn geen wormen natuurlijk.
Maar de onderzoekers wijzen er op dat de genen die ze bij de wormen blokkeerden hun analogen hebben in het menselijk DNA.

Enfin, jaag uw metabolisme niet over zijn toeren.
Doe het dus traagjes en rustig aan en eet niet teveel.
En drink toch maar regelmatig een glaasje van dat rode goddelijk vocht.
Het mag dan misschien wel niet voor een paar jaartjes extra zorgen, maar het is en blijft lekker.

woensdag 3 februari 2010

Eet meer sla

Zestig is lestig is een gezegde.
Inderdaad van zodra je leeftijd met een 6 begint, wordt je met allerlei kwaaltjes geconfronteerd.
Dikwijls valt daar wel mee te leven.
Maar wat ik het ergst vind, is het toenemend falen van mijn geheugen.
Ik weet intussen al dat ik het functioneren van mijn hersencellen wat kan verbeteren door bosbessensap te drinken.
Dat heb ik hier al in mijn berichtje van 23 januari uitgelegd.

En de goede raad houdt maar niet op.
In Neuron van 28 januari laatstleden, publiceren Amerikaanse en Chinese wetenschappers van het Massachusetts Institute of Technology (MIT) in Cambridge US en van de Tsinghua University in Beijing, een artikel waarin ze aantonen hoe magnesium de geheugenwerking verbetert.
Bij muizen toch.
Maar wat goed is voor de muis…
Dus maar aan de magnesiumrijke kost.
Eet meer sla, ananas, noten,…


Van nu af aan kies ik bijgevolg regelmatig voor sla met bosbessen.
Of ananas met noten.
Of andere combinaties waar mijn smaakpapillen niet tegen protesteren…

maandag 5 oktober 2009

Nu weet ik het zeker: ik slaap te weinig!

Overgewicht is al jarenlang één van mijn problemen.
Ik probeer er met vallen en opstaan wat aan te doen.
Maar met meer vallen dan opstaan. Het blijft me achtervolgen.
Mijn fietskuren hebben wel een positief effect, maar met de wintermaanden voor de deur ziet dat er niet al te haalbaar meer uit.
En fietsen op een hometrainer hou ik niet lang genoeg uit.

In het mei-nummer van Psychoneuroendocrinology hebben ze me nu duidelijk gemaakt dat er een (bijkomende) reden bestaat waarom er teveel kilootjes aan hangen: ik slaap ‘s nachts onvoldoende.
6 uur per nacht is ruim anderhalf uur te weinig!
7,5 uur is een minimum.
De groep wetenschappers van het Cousins Center for Psychoneuroimmunology van de University of California te Los Angeles, tonen in het artikel aan dat je kan vermageren door voldoende te slapen! Mijn moederke moest het eens horen!
 
image

woensdag 16 september 2009

Vetverbranding

14 dagen geleden waren we met enkele vrienden op fietsvakantie. We maakten dagelijks ritjes van 40 à 50 km aan een gezapig tempo.
Het ging ons immers niet om fietsen voor de sport, maar om het genieten van de mooie omgeving, van een lekker pintje onderweg en van elkaars gezelschap.
En dat het mooi is in de streek rond Damme, in de Leiestreek en in de Scheldevallei, hebben we volop kunnen ondervinden. 

 
Klik op de foto hierboven voor een groter beeld.

Maar toch kwam op een zeker moment het energieverbruik bij het fietsen ter sprake. En meer in het bijzonder de vetverbranding.
Dat is namelijk één van mijn stokpaardjes, want één van mijn permanente problemen: proberen een paar kilootjes te verliezen.
Alhoewel ik geen specialist terzake ben, wil ik toch even uitleggen hoe ik tot een resultaat probeer te komen.
En ook kom. Als ik het lang genoeg uithou tenminste.

woensdag 12 augustus 2009

Wist jij dat ook al?

Optimistische vrouwen hebben een kans op een langer leven.
Heb jij ook het gevoel dat je dat al lang wist?
En dat chagrijnige, depressieve en pessimistische types het minder lang uithouden?

pessimist
Goed, maar wetenschap steunt niet op gevoel.
Wetenschap steunt op rationeel onderzoek.
Wat niet betekent dat gevoel, gevoeligheden en emoties wetenschappelijk werk niet beïnvloeden.
Je moet er maar eens de geschiedenis van de ontdekking van de structuur van DNA op nalezen b.v.
De gevoeligheden tussen enerzijds de ontdekkers James Watson en Francis Crick en anderzijds Rosalind Franklin heeft in het verloop van dat onderzoekswerk een belangrijke rol gespeeld.
Bij gelegenheid blog ik daar nog wel eens over.

Terug naar de optimistische vrouwen en het wetenschappelijk onderzoek daarover.
Een team van de universiteit van Pittsburgh, onder leiding van Hilary Tindle, heeft eergisteren in het tijdschrift Circulation de resultaten van een uitgebreide studie gepubliceerd over het verband tussen optimisme, hartziekten en levenskansen.

Ze hebben bijna 100.000 (!) vrouwen bij hun onderzoek betrokken.
En de resultaten liegen er niet om.
Pessimistische ladies hadden een hogere bloeddruk én een hoger cholesterolgehalte in het bloed.
Zelfs als men rekening hield met bepaalde risicofactoren aanwezig in de leef- en werkomgeving van de vrouwen, bleek uit het onderzoek dat een optimistische attitude risico verlagend werkt.
Optimistisch vrouwen bleken 9% minder kans op hartziekten te hebben en 14% minder kans op overlijden aan een kanker!
De pessimistische, cynische, negatief denkende en wantrouwende vrouwen, bleken over dezelfde tijdspanne 16% meer kans op overlijden te hebben.
De onderzoeksgroep kan geen sluitende verklaring geven voor het gevonden verband.
Het zou b.v. kunnen dat de optimisten onder de vrouwen er een gezondere levensstijl op na houden dan de negatievelingen: minder roken, meer sporten, gezonder eten.

image
Bij het lezen van zo’n onderzoek spoken onmiddellijk een aantal vragen door mijn koppeke.
Is pessimisme of optimisme je lot, je voorbestemdheid?
Kan je er iets aan doen als je een zwartkijker bent?
Of zit dat in je genen?
Zit pessimisme én optimisme bij iedereen in de genen, maar bepaalt het milieu waarin je opgroeit en leeft of de pessimisme-genen of de optimisme -genen tot uiting komen?
Kan onderwijs daar iets aan doen?
En wat is het verband tussen je levenshouding en de chemische fabriekjes in je cellen?
Maken optimisten andere stoffen aan dan pessimisten?
Maken pessimisten meer stoffen aan die schadelijke effecten hebben dan optimisten?
Over welke stoffen gaat het dan?
Ik hoop dat vervolgonderzoek daar op termijn antwoorden kan op geven.
Er is dus nog veel werk aan de winkel.

Even dit nog.
Het onderzoek van de groep rond Hilary Tindle ging alleen over vrouwen.
Maar geen nood mannen. Voor ons geldt precies het zelfde.
Daar had een Nederlandse groep in 2004 al een onderzoek over gepubliceerd in de Archives of General Psychiatry.

image
Dus: optimist, wat later in de kist…
Of is dat optimistisch?

dinsdag 4 augustus 2009

Vegetariërs aller landen

Vegetariër willen zijn is ook niet altijd gemakkelijk.
De wil is soms wel sterk, maar het vlees is altijd zwak…

zaterdag 1 augustus 2009

Wandelen en wandelen is twee

Zowel Mia als ik zijn lid van de Romershovense wandelclub De Rommelaar.
We zijn geen super-actieve leden.
Dit jaar hebben we er nog maar een 10-tal wandelingen opzitten. Alles samen een 120-tal km.
Maar als we wandelen, slenteren we niet. We leggen er de pees op.
Wandelen is voor ons een milde sport. Maar wel een sport.


In het bijzonder voor mij, is het ook een (klein) beetje een middel om wat extra calorietjes te verbruiken.
Het zal wel juist zijn dat dit calorieverbruik evenredig toeneemt met de wandelsnelheid.
Of het om een recht evenredigheid gaat, weet ik niet. Ik heb nog geen studie kunnen vinden die dit onderzocht heeft.

Maar ik heb wel iets gevonden over het effect van de wijze waarop je armen en benen samen beweegt tijdens het wandelen.

Een groep onderzoekers onder leiding van Steve H. Collins van de TU. Delft, heeft daarover een studie gepubliceerd in The Proceedings of the Royal Society – Biological Sciences.
En wat blijkt?
Je armen stil houden langs je lichaam of op je rug tijdens het wandelen, heeft 12% meer energieverbruik tot gevolg.
En de totaal onnatuurlijke wandelwijze van je arm gelijk naar voor te bewegen als je been aan dezelfde kant, doet het energieverbruik zelfs met 26% toenemen.

Op de website van de Engelse krant The Guardian is een videootje te zien die de normale wandelgang en de twee meer-energie-verbruikende wandelwijzen toont.

image

Goed om weten.
Wandelen aan 5 à 6 km/h met mijn handen op mijn rug om een beetje te vermageren wil ik nog wel eens proberen.
Maar als Collins en zijn groep gelijk hebben, is Nordic Walking ook niet het efficiëntste wandelmiddel om meer calorieën te verbruiken.
Gelukkig heb ik nog zo geen stokskes gekocht.

zaterdag 18 juli 2009

Op chocolade kan je altijd rekenen

Dat ik een echte chocoladeliefhebber ben, zal je al wel gemerkt hebben.
Ik weet het wel: vooral melkchocolade (en die heb ik liefst), is een energierijk en cholesterolrijk goedje.
Ik probeer daar, in de mate van het mogelijke, rekening mee te houden.
Maar ik hou in elk geval rekening met de positieve effecten van de ingrediënten in het lekkere bruin.
Zal ik er eens een paar opsommen?

  1. cafeïne bezorgt je een opgewekt gevoel
  2. serotonine werkt kalmerend
  3. phenylethylamine geeft je een gevoel van verliefdheid
  4. de anti-oxidante polyfenolen zijn zowat voor alles goed…
  5. en Casanova wist al dat het een afrodisiacum was!
    Vooral de harde zwarte chocolade doet het goed, maar ook de zachte bruine doet nog wat hij moet…

chocolade
Men zou er voor minder een schepje cholesterol bovenop nemen.

Maar het beste van de chocolade moet nog komen.
Als je een gemiddelde tot straffe chocoladeliefhebber bent tenminste.
Dan kan ik aan de hand van uw chocoladelust uw leeftijd berekenen!
Reken maar mee ter controle.

  1. noteer hoeveel keer je per dag aan chocolade denkt.
    Denken is genoeg, eten mag, maar moet niet.
    Wie niet dagelijks minstens 2 keer aan dat lekker ding denkt, mag niet mee doen. Geen geheelonthouders hier!
    Maar ook niet meer dan 9 keer. Dus ook geen chocoladeveelvraten gewenst!
  2. vermenigvuldig dat aantal met 2
  3. tel bij dat getal 5 op
  4. vermenigvuldig de uitkomst met 50
    Je mag rustig een rekenmachine gebruiken, maar vermenigvuldigen met 50 is ook vermenigvuldigen met 100 en dan delen door 2 ( hoofdrekenen is bijna even gezond als chocolade eten)
  5. als je dit jaar al je verjaardag gevierd hebt, tel je bij het resultaat tot nu toe, 1759 op.
    Moet je nog verjaren, dan tel je er 1758 bij.
  6. trek nu van het resultaat het jaartal van je geboorte af.
    Van dat jaartal moet je de 4 cijfers gebruiken, b.v. 1945 in mijn geval
  7. de uiteindelijke uitkomst zou een getal met 3 cijfers moeten zijn.
    Het eerste cijfer is het aantal keren dat je per dag aan chocolade denkt (of ervan eet).
    De volgende 2 cijfers vormen je leeftijd!

Wees eerlijk: wie van jullie had gedacht dat dit allemaal met chocolade kon?

Toch nog een paar bemerkingen.
Als je al 99 bent, dan kan je dit jaar voor het laatst meespelen met dit rekenspel.
Spijtig. Maar trek u dit dan toch niet teveel aan. Er zijn ergere dingen in het leven zoals jij zeker wel zal weten.
En nog iets.
Ik durfde het niet onmiddellijk zeggen. Maar eigenlijk mag je meer dan 10 keer per dag aan chocolade denken.
Ook dan klopt het rekeningetje nog zoals de wiskundigen onder mijn lezers wel zullen kunnen bewijzen (dag Annie, Marc G, Geert,…).

Je ziet het: op chocolade kan je altijd rekenen.

zaterdag 4 juli 2009

Over groenten, fruit en vitamine C

We hebben thuis geen groetentuintje.
Voor groenten zijn we aangewezen op de supermarkt.
Of… op onze buurman Romain.
Romain heeft een klein hofken én een serreke. Met lekkere sla en tomaten en boontjes.

We mogen regelmatig eens langs gaan. Voor een krop lekker verse krulsla b.v. vol vitamine C. Want van zijn serre naar ons bord gaat er weinig tijd verloren en dus verdwijnen er ook weinig vitamines.

Dat is het verschil met de sla uit de rekken van de supermarkt.
Hoeveel tijd zit er dan niet tussen de oogst en het bord?
Hoeveel vitamine C blijft er dan nog over?
Bij de hoge zomertemperaturen schat ik het verlies op ruim 50%.
Alles zal natuurlijk afhangen van de behandeling en de opslag.
En de tijd dat je slaatje in de hete auto moet liggen stoven.
Want vitamine C is geen van de stabielste vitamines.
Vitamine C is de gebruiksnaam voor ascorbinezuur.
En zelfs ascorbinezuur is nog een gebruiksnaam voor wat de scheikundigen
(2R)-2-[(1S)-1,2-dihydroxyethyl]-4,5-dihydroxyfuran-3-on
noemen. Amaai!
De moleculestructuur van ascorbinezuur wordt gemakkelijk geoxideerd, waardoor ze haar werkzaamheid verliest. Het (kleine) verschil tussen de structuur van ascorbinezuur en die van zijn niet werkzame geoxideerde vorm, zie je hieronder.

oxidatie ascorbinezuur
Maar als vitamine C zo gemakkelijk oxideert, is er dan kans dat we te maken krijgen met een vitamine-C-tekort?
Dit is vrijwel uitgesloten.
Vitamine C komt in voldoende hoge concentratie voor in groenten en fruit.
Ondanks de afbraak door oxidatie kom je via je eten toch nog gemakkelijk aan de nodige 100 mg per dag.
Als je voldoende groenten en fruit eet tenminste.
De hoogste gehaltes vind je bij de volgende soorten. Maar denk eraan dat die gehaltes in verse toestand bij de oogst bepaald zijn:

groentenenfruit
En zelfs zonder groenten en fruit krijgen we tegenwoordig nog extra porties vitamine C binnen.
Van het feit dat vitamine C zo gemakkelijk oxideert, maakt men immers handig gebruik om het als anti-oxidant E300 aan allerlei voedingsmiddelen toe te voegen. Kijk maar eens op de verpakkingen van salami, worst, ham, kaas, brood, yoghurt,…
Het toegevoegde ascorbinezuur in deze voedingsmiddelen wordt door de luchtzuurstof sneller geoxideerd dan het verpakte product zelf. Daardoor bederft het product niet vlug. Vitamine C verlengt dus de houdbaarheidsdatum.

Waarom is vitamine C nu zo belangrijk voor de mens?
Omdat ons lichaam er levensnoodzakelijke hormonen kan van maken. Daarom vinden we de hoogste concentraties in de bijnieren en de hypofyse, onze hormonenfabriekjes bij uitstek.
Maar de anti-oxiderende werking zorgt er ook voor dat ons lichaam verlost geraakt van schadelijke vrije radicalen. Die agressieve vrije radicalen ontstaan in onze cellen als niet te vermijden bijproduct van de stofwisseling.

Volgens sommigen hangt de concentratie aan vrije radicalen in onze cellen samen met een verhoogd risico op kanker.
Linus Pauling, de dubbele Amerikaanse nobelprijswinnaar (voor chemie in 1954 en voor de vrede in 1962) was een fervent voorstander van het dagelijks innemen van hoge dosissen vitamine C (tot 10 g per dag!) om kanker te voorkomen.
Ook de geriater Dr. Herman Le Compte was een aanhanger van het gebruik van grote hoeveelheden vitamine C.

In mijn jonge jaren (40 jaar geleden dus) heb ik daar ook aan meegedaan. Ik heb toen een paar jaar lang 2 tabletten van 500 mg vitamine C per dag geslikt (de minimumdosis die Pauling voorschreef).
Tot er in de literatuur berichten verschenen over de negatieve effecten van hoge dosissen. Die berichten werden in 2001 bevestigd door een onderzoek van prof. Ian Blair van het Center for Cancer Pharmacology van de Universiteit van Pennsylvania.

Wat er ook van zij: Linus Pauling is 93 jaar oud geworden en Herman Le Compte werd (slechts?) bijna 80.
Ik hoop op iets er tussenin, voorlopig zonder extra vitamine C…

maandag 22 juni 2009

Een gezond wortelverhaal

Ik blijf het nog even over groenten hebben.
Een heel grote liefhebber van worteltjes ben ik niet. Ik eet ze nog liefst rauw samen met een slaatje van andere groenten.
Wortels zijn in elk geval gezond.
Dat ze goed zijn voor de ogen weet iedereen wel, want een konijn met een bril op… Ik durf dat mopje met een fameuze baard hier zelfs niet helemaal meer vertellen.
Ik ben zelf al meer dan 50 jaar een brildrager. Ik zou dus misschien best meer wortelen eten.
Maar waarom zijn wortelen goed voor de ogen?
Omdat wortelen vrij veel beta-caroteen bevatten.

b-caroteen
Beta-caroteen is ook de stof die het meest bijdraagt tot de oranje-rode kleur van de wortelen.
Maar daar gaat het niet om.
Beta-caroteen is de stof waar onze lever vitamine A (retinol) kan van maken. Als je goed kijkt naar de structuur hieronder en hierboven, zie je dat retinol ongeveer de helft is van de structuur van beta-caroteen.

vitA
En retinol is een belangrijke bouwsteen (een zogenaamde co-factor) van rodopsine, een eiwit dat voorkomt in de lichtgevoelige staafjes op ons netvlies.
Ziedaar de link tussen wortelen en zien.

Maar wortelen bevatten nog meer interessante stoffen.
Rond één van die stoffen is er de laatste tijd nogal wat te doen: falcarinol.

Een groep onderzoekers van Newcastle University onder leiding van Kirsten Brandt, publiceerde in 2005 een studie waarin ze de beschermende werking van falcarinol tegen het ontwikkelen van kanker aantoonden.

In een verdere studie, die vorige week via een persmededeling door de Newcastle University openbaar werd gemaakt, geven dezelfde onderzoekers nu aan hoe we het best van de weldaden van falcarinol kunnen genieten.
Een wetenschappelijk verantwoorde kookles dus.
Je doet er best aan je worteltjes in hun geheel te koken en ze pas daarna in blokjes of brokjes te snijden.
Snij je ze eerst vóór je ze kookt, dan verdwijnt er teveel falcarinol in het kookwater. Het verlies aan die beschermende stof kan zo tot 25% bedragen.
En wortels stomen is nog beter.
We zullen binnenkort toch nog een stoomkoker moeten installeren.

stomer
En rauwe worteltjes zoals ik ze best lust?
Toch niet zo goed zeggen ze, omdat in dat geval het falcarinol te moeilijk door het lichaam wordt opgenomen: het koken zorgt ervoor dat de werkzame stoffen gemakkelijker door de zachtgemaakte celwand van de wortelcellen passeert.
Daarenboven hebben de Britse onderzoekers vastgesteld dat een testgroep de worteltjes die in hun geheel gekookt werden, beter vond dan wanneer ze in stukjes gesneden gekookt werden.
Dit zou te maken hebben met het feit dat in geheel gekookte wortelen de natuurlijke suikers beter bewaard blijven. De geheel gekookte wortels zouden dus zoeter blijven.
Maar over smaken valt niet te discussiëren.
Alhoewel: over Britse keukensmaken heb ik zo mijn eigen mening…

In elk geval toont dit wortelverhaal aan, dat koken geen eenvoudige bezigheid meer is. De cuisine moleculaire wint meer en meer veld.
Professionele kok of doordeweekse keukenpiet: als je met al die onderzoeksresultaten rekening wil houden, moet je al een paar dagen per week wetenschappelijke tijdschriften uitpluizen.
Of: regelmatig mijn blogje lezen

zondag 7 juni 2009

Le crème de glace nouveau est arrivé

Vandaag hebben we een prachtige wandeling gemaakt in de buurt van Wellen.
De Zuid-Limburgse fruitstreek is ook in deze overgang naar de zomer een schitterende regio.
Wandelend door de Broekbeemd en de Herkvallei kan je er heerlijk genieten van het mooiste wat de natuur te bieden heeft.

Op deze verkiezingszondag kreeg wandelclub de Wellense Bokkenrijders, die de wandeling organiseerde, veel volk over de vloer.
Het was dan ook heel druk in zaal De Meersche toen we na een tochtje van 13 km aan een behoorlijk hoog tempo, wat verfrissing zochten.
Ze hadden er geurig-lekkere, vers geplukte aardbeien.
En wat is er heerlijker dan een coupe vanille-ijs met aardbeien en slagroom?

We hebben er van genoten.
Maar het heeft een tijdje geduurd…
Want de dames die de coupes moesten klaarmaken zaten door de vele bestellingen in de problemen. Ze hadden onvoldoende voorraad ijs op temperatuur laten komen. En de keiharde ijskreem, recht uit de diepvries, was niet te “bescheppen”. Het duurde eeuwen om een ijsbolletje bij mekaar te schrapen. Om echt zenuwachtig van te worden.

Maar misschien is zo’n ijskreemprobleem binnenkort van de baan.
Unilever mag volgend jaar met een nieuwe ijskreemvinding de markt op. In Nederland toch, en wellicht ook in België.
Unilever heeft een speciaal eiwit in zijn ijs gestopt.
Die eiwitten staan bekend als ISP’s, wat staat voor Ice Structuring Protëins. Je zou dat als Antivries Eiwitten kunnen vertalen.
Die wondere ISP’s zorgen ervoor dat de vorming van ijskristallen in de ijskreem bij een veel lagere temperatuur optreedt dan normaal.
Als er dan bij die veel lagere temperatuur toch wat ijskristallen ontstaan, zijn die veel kleiner, zodat ze de textuur van de ijskreem veel minder beïnvloeden.
En het zijn nu juist die ijskristallen die de ‘ijsdames” in Wellen het leven zo moeilijk maakten. Trouwens, thuis zal je ook al ondervonden hebben hoe moeilijk ijs te scheppen valt uit een doos IJsboerke of Carte d’Or die net uit de diepvries komt.
Je zal ook wel weten dat de klassieke ijskreem in een doos die een paar keer open geweest is en weer in de diepvries werd geplaatst, door het deels ontdooide ijs, meer en meer grote ijskristallen bevat. En dat beïnvloedt de smaak nadelig.
Gedaan daarmee in het nieuwe Unilever ijs.

Het nieuwe ijs heeft daarenboven nog een paar extra troeven.
Om de stabiliteit van het ijs te verbeteren voegde men tot nu toe vetten en suikers toe. Door de ISP’s moet dat niet meer.
De hemel op aarde: een romig-zacht ijsje dat je veel minder dik kan maken!
En de ISP’s zorgen er ook voor dat het ijs niet lekt en drupt. Ook niet te versmaden als je volgende week voor vaderdag (weer?) een nieuwe das zal krijgen...

das

Zijn die ISP’s kunstmatige chemische brouwsels uit de Unilever labo’s in Vlaardingen?
Bijlange niet!
Sommige vissen, planten en bacteriën hebben ze al eeuwen in hun cellen om te kunnen overleven in extreem koude omstandigheden.
Afgekeken van de natuur dus.
Maar de knappe mannen en vrouwen in Vlaardingen hebben wel gistcellen zodanig genetisch gemanipuleerd dat ze echte ISP-fabriekjes geworden zijn.

Waartoe ze toch allemaal in staat zijn de dag van vandaag.
Straks mag ik nog koelkastschepbare ijskreem eten om te vermageren. Het leven kan toch mooi zijn nietwaar!

dinsdag 19 mei 2009

Slaap je mager

Wie mij kent weet wel dat ik al sinds lang iets probeer te doen aan mijn overgewicht.
Met vallen en opstaan. Maar meer vallen dan opstaan moet ik zeggen.
Ik volg dus met belangstelling alle nieuws over methodes die tot een paar kilootjes minder zouden kunnen leiden.
Ik ben chemicus genoeg om mij niet te wagen aan pillenslikkerij.
Zo zal je me niet naar de apotheek zien rennen om daar zonder voorschrift de fameuze Alli-vermageringspil te halen.

Ik weet dat enige natuurlijk methode om te vermageren is: verbruik per dag meer energie dan je met je voeding opneemt.

Kies b.v. voor een uitgebalanceerd 1200 kcal-dieet en zorg dat je door bewegen en gezond sporten b.v 1400 kcal per dag verbruikt.
Meer is er niet nodig.
Tot zover de theorie. Voor de praktijk is er veel wilskracht en discipline nodig. En daar loopt het gemakkelijk mis. Ik kan er van meespreken.

Maar misschien moet ik nog een andere slechte gewoonte gaan bijwerken: ik slaap te weinig.
Ik ben er elke morgen rond 7.30u. uit.
Toch niet zó laat voor iemand met pensioenstatus.
Maar ‘s avonds kan ik er maar niet in.
Het is meestal al ‘s anderendaags vóór ik onder de dekens kruip: 1u à 2u ‘s nachts is mijn gewone doen.
En die te korte nachtrust van 5 à 6 uur per nacht zou wel eens mee aan de basis kunnen liggen van mijn kilootjes teveel.

Wetenschappers van het Amerikaanse Walter Reed Army Medical Center maakten zeer recent op de 105e International Conference of the American Thoracic Society in San Diego de resultaten bekend van hun onderzoek over het verband tussen zwaarlijvigheid en slaapgedrag.
De groep onder leiding van dr. Eliasson onderzocht 14 verpleegsters op hun slaapgewoonten, hun activiteiten en hun energieverbruik.
Tussen haakjes: dit is toch wel een erg kleine proefgroep vind ik.
Ze zagen dat de proefpersonen met de kortste nachtrust gemiddeld 12% zwaarder waren dan de langslapers. De kortslapers hadden gemiddeld een BMI (Body Mass Index) van 28,3. De langslapers hadden een BMI van 24,5.
Het rare van het geval was dat de zwaardere kortslapers over dag actiever waren en meer bewogen dan de langslapers. Ze verbruikten dus ook meer energie. Maar ze aten ook veel meer dan de langslapers zodat de balans uiteindelijk negatief overhelde en ze zwaarder werden.
Dr. Eliasson ziet een verklaring in de verhoogde stress die bij de kortslapers zou voorkomen. Die verhoogde stress zou ontstaan door het vaak minder georganiseerd zijn ten gevolge van het niet uitgeslapen zijn. De verhoogde stress kan dan volgens hem leiden tot ongezond gedrag. Teveel en ongezond eten b.v.

Dat mensen met een te korte nachtrust meer zouden eten klopt ook met onderzoek naar de concentratie aan de hormonen die bij mensen de eetlust beïnvloeden.
Het hormoon ghreline bevordert de eetlust. Het hormoon leptine remt de eetlust.
En ja hoor: bij kortslapers vond men 15% meer van het ghreline en 15% minder van het leptine. Niet te verwonderen dat die nachtuilen honger hadden.


Een slaapkuur als afslankmiddel ? Ik zie dat toch niet echt zitten.
Toch zal ik er vanavond of vannacht maar iets vroeger inkruipen.
Maar ik ga eerst nog een klein stukje chocolade sneukelen nu Mia het niet ziet.
Ik kan er echt niets aan doen: mijn ghreline-spiegel is nog te hoog van die vorige te korte nachten.
Hmm... lekker. Slaapwel!

maandag 18 mei 2009

Muesli is good for you

Ik heb hier al eens verteld dat ik (bijna) iedere dag begin met een gezond ontbijt: muesli met fruit en magere yoghurt.
Dit is ontegensprekelijk een mengsel dat de nodige koolhydraten, eiwitten en vitamines levert om de dag goed mee te beginnen.

Maar nu blijkt dat zo’n mueslietje nog veel meer in petto heeft.
De sport- en fitnessfreaks zouden er dan ook goed aan doen om eens de studie van een groep wetenschappers van de universiteit van Texas –Austin te lezen.
Veel van die sportfanaten hebben tegenwoordig de gewoonte om zich na de inspanning aan dure sportdrinks te laven. Kwestie van het vochtverlies en de verbruikte bouwstenen bij te spijkeren.


Bij intensief aan sport doen aan een hoog hartritme, verbruik je immers veel suikers en worden eiwitten in het lichaam sneller afgebroken dan ze kunnen bijgemaakt worden.
Bijgevolg is er achteraf extra aanvulling nodig om de suiker- en eiwitbalans in de spieren te herstellen.
En daar kunnen goedgekozen sportdranken wel voor zorgen.
Maar dat kost een centje: een setje Extran of Aquarius kost al snel 17 à 20€ voor 24 flesjes van 33 cl.

Hetzelfde effect is nochtans veel goedkoper te bereiken.
Vorige week heeft een onderzoeksgroep onder leiding van Lynne Kammer hierover een studie gepubliceerd in het Journal of the International Society of Sports Nutrition.
Daarin tonen ze aan dat een portie muesli met magere melk hetzelfde herstelresultaat geeft als de veel duurdere drankjes.
Voor het eiwitherstel in de spieren is zo’n bakje mueslipap zelfs effectiever.
Het komt er dus nu alleen nog op aan de bodyfreaks ervan te overtuigen om hun trendy petflesjesgelurk te vervangen door een poosje papje-lepelen. Zou dat wel lukken?

En wat mezelf betreft: de muesli heb ik al.
Aan het sporten moet ik nu toch wel echt gaan beginnen…

zaterdag 25 april 2009

Chocolade is niet voor den hond en niet van de poes

Woensdag waren we met enkele vrienden aan het bloesemwandelen in Hoepertingen.
De mannen voorop, de vrouwen er achteraan...

PICT1907
En dat mannen niet altijd over politiek of sport praten, bleek toen het mannengesprek op een zeker moment ging over...honden en chocolade!

Hoe zit dat nu? Is chocolade goed voor je trouwe viervoeter?
Een paar brokjes zouden misschien nog wel kunnen. Maar een reep kan al ernstige vergiftigingsverschijnselen opleveren. Zeker als je hond maar een hondje is.
Dit heeft alles te maken met het feit dat honden niet over de nodige concentratie aan enzymes beschikken om het alkaloïde theobromine snel af te breken.
Het theobromine stapelt zich dus veel langer op in het hondenlichaam dan in het mensenlichaam. In een mensenlichaam is het al na 4 à 5 uur verwerkt door de lever. In een hondenlichaam blijft het tot 24 uur aanwezig. Op die wijze komen de nadelige effecten van theobromine bij honden meer tot uiting.

Veel alkaloïden hebben een stimulerend effect.
We weten hoe goed een kopje koffie soms kan doen. En koffie bevat meerdere alkaloïden. Caffeïne en theobromine zijn daar de gekendste van.
En je ziet aan hun chemische samenstelling hoe sterk verwant ze zijn: alleen een methylgroep (CH3 in het rode cirkeltje) maakt het verschil.

theo

Maar wie 's avonds laat nog veel koffie drinkt weet hoe moeilijk het kan zijn om de slaap te vatten. En hoe veel sneller hij/zij zijn/haar hartje voelt kloppen. Alhoewel dat laatste nog andere oorzaken kan hebben (...) zijn theobromine en caffeïne toch mee verantwoordelijk.
Bij hondjes kan dat tot zo'n ernstige hartritmestoornissen leiden, dat het fataal wordt.

YouTube zou YouTube niet zijn mocht er niet één of andere "veterinair" een filmpje geplaatst hebben om het gevaar van chocolade voor honden grondig uit te leggen.

Chocolade is niet alleen nadelig voor honden. Ook katten kunnen er niet tegen. Maar katten lusten minder chocolade omdat ze geen zoet kunnen smaken.
Paarden mag je ook nooit chocolade geven want ook zij verwerken de theobromine te traag.
Zelfs muizen en ratten gaan er aan kapot.
Mocht Mia hier en daar een stukje chocola leggen om muizen te vangen: mij vangt ze er niet mee!

woensdag 1 april 2009

We bijten ze bruin

Mia en ik eten iedere avond samen 3 appels.
Mia schilt ze en snijdt ze in 12 kwartjes. Ik eet er 8, Mia 4.
Soms gebeurt het wel eens dat er een paar kwartjes overblijven voor 's anderendaags bij het ontbijt.
Maar 's anderendaags zien ze er niet meer zo appetijtelijk uit, dat weet je wel.
Ze zijn wat verdroogd en vooral bruinig uitgeslagen.

appels

Toch klopt dan blij mijn scheikundig hart als ik zo'n bruinig appeltje zie, want er is weer chemie in 't spel.
Wat is er gebeurd?
Door het snijden of het bijten, worden de appelcellen opengebroken en dan komt de celinhoud in contact met luchtzuurstof O2.
In die celinhoud komen er natuurlijk een zeer groot aantal stoffen voor.
Voor het bruin worden van een gesneden of gebeten appel is het zeer belangrijk dat in de grote verzameling stoffen, zowel polyfenolen als het enzym polyfenoloxidase aanwezig zijn.

Wat zijn nu die polyfenolen wel? Dit is minder ingewikkeld dan de naam laat vermoeden:

polyfenol
En wat is het enzym polyfenoloxidase? Dit is een eiwit dat, zoals de naam laat vermoeden, in staat is om polyfenolen te oxideren.
En bij dat oxideren ontstaan zogenaamde quinonen die dan verder omgezet worden tot melanines.
En die melanines zijn ingewikkelde, grote moleculen die voor de bruine kleur zorgen. Voilà.
Tussen haakjes: melanines zijn ook de stoffen die in onze huid ontstaan als we in de zon lopen (of op de zonnebank liggen). Ook daar zorgen ze voor een bruin kleurtje!

melanines
Maar let op! De omzetting die ik hierboven weergeef kan alleen maar doorgaan als alle omstandigheden perfect in orde zijn!
Hoe moeten die omstandigheden dan wel zijn opdat die bruine melanines zouden ontstaan?

  1. er moet zuurstof O2 aanwezig zijn
  2. om het enzym te laten werken mag de zuurtegraad mag niet te hoog zijn
  3. de temperatuur mag niet heel hoog zijn

Wil je dus beletten dat de bruine kleur ontstaat?
Wil je beletten dat de gesneden of de gebeten appel of peer of banaan of het gesneden witloof enz. niet bruin wordt? Simpel: zorg dat de omstandigheden NIET aan de bovenstaande eisen voldoen.
En hoe je dat moet doen weet elke keukenprins of -prinses uit ervaring:

  1. besprenkel met citroensap.
    Daardoor verhoog je de zuurtegraad en dan werkt het enzym niet meer.
  2. voeg vitamine C toe.
    Vitamine C is een erg onstabiele verbinding die vlugger dan alle andere stoffen door luchtzuurstof geoxideerd wordt. M.a.w. de vitamine C die je toevoegt verbruikt de luchtzuurstof eerst, zodat de polyfenolen niet kunnen geoxideerd worden en dus ook de melanines niet kunnen ontstaan.
  3. blancheer het fruit of de groente.
    Blancheren is kortstondig in heet water onderdompelen.
    Daardoor maak je het enzym kapot en kan de vorming van de melanines niet doorgaan.
  4. bewaar onder water.
    Dan kan de luchtzuurstof er niet aan!

Leo Baekeland, de Gentse scheikundige die in de vorige eeuw schatrijk is geworden met zijn ontdekking van bakeliet, heeft ooit gezegd: elke scheikundige zou een goede kok moeten zijn.

Maar even goed kan je zeggen: elke kok zou een goede scheikundige moeten zijn om te begrijpen wat hij in de keuken doet en waarom hij of zij dat doet.
De aanhangers van de cuisine moleculaire of de moleculaire gastronomie, proberen dat in de praktijk te brengen.


Alhoewel ik als chemist sympathie voel voor die visie, blijf ik het toch vooral belangrijk vinden dat wat op tafel komt lekker is, zelfs als je niet weet hoe dat eigenlijk komt...

zondag 22 maart 2009

Alfa et omega-3

Het smeersel op onze boterham is voor Mia en mij niet hetzelfde.
Mia kiest voor een uitgesproken cholesterolverlagend laagje.
Ik doe het met een 0% cholesterol bevattend kunstbotertje.
Om merken te noemen zonder reclame te willen maken: Mia gebruikt Becel Pro-Activ en ik hou het bij Alpro Soya Minarine.
Waarom dit verschil?
Ik slik al dagelijks een (relatief kleine) portie statines om het gehalte aan (slechte) cholesterol in mijn bloed te verlagen.

Statines zijn die dure maar wonderbaarlijke verbindingen niets doen aan de cholesterol die we met onze voeding innemen, maar die de interne productie van cholesterol in ons lichaam lam leggen.
Omwille van het feit dat ik dus al cholesterolverlagende pillen slik, heb ik weinig of niets aan een kunstboter waaraan nog eens extra cholesterolverlagers zijn toegevoegd. Ik zorg er door mijn keuze wel voor dat ik met mijn boterhammetjes geen extra-cholesterol inneem.
Mia heeft nog geen statines nodig en bijgevolg kiest zij wel voor een smeersel waar wel extra cholesterolverlagers zijn aan toegevoegd.

Ongelooflijk dat je al een halve biochemicus moet zijn om de dag van vandaag bewust voor een geschikte boterham te kunnen kiezen!

Waar zit het verschil in die twee margarines?
In de Becel Pro-Activ moet iets zitten wat de cholesterol extra verlaagt.
En dat zijn de plantensterolen.
Plantensterolen zijn eigenlijk zeer sterk familie van boosdoener cholesterol.
Zelfs als je geen chemicus bent kan je zien dat de structuur van een molecule cholesterol en een molecule van het plantensterol sitostanol slechts minimaal verschillen. Ik heb de verschilpunten met een rood kadertje aangeduid:

cholesterol
Ondanks het kleine verschil zijn die plantensterolen effectief, want door hun nauwe verwantschap, concurreren ze met het cholesterol in ons lichaam en zorgen ze ervoor dat er "geen" cholesterol meer via onze darmen in onze aders terecht komt.
Je ziet dat ik "geen" tussen aanhalingstekens geplaatst heb. Want hoeveel cholesterol er toch nog door de mazen van "het darmnet" kan glippen, zal afhangen van de voldoende aanwezigheid van plantensterolen in onze voeding.
Als we gewoon groenten en fruit (planten) eten, nemen we onvoldoende plantensterolen naar binnen.
En daarom komen de margarinemannen zoals Unilever met de remedie te voorschijn: ze voegen tegenwoordig plantensterolen aan hun smeersel toe. Bij Becel-Pro-Activ is dat zelfs 12,5% van de samenstelling. De productie van plantensterolen is evenwel een dure aangelegenheid en dat zullen we geweten hebben: een pakje Becel-Pro-Activ is (volgens Mia) tot 3,5 € duurder dan mijn Alpro Soya Minarine.

In Alpro Soya Minarine zitten dus geen dure plantensterolen.
Wel zitten er polyonverzadigde vetzuren in. En die zitten ook in Becel-Pro-Activ.
Die polyonverzadigde vetzuren zouden een gunstig effect hebben op de conditie van ons aderstelsel en zouden zelfs ook een zeker cholesterolverlagend effect hebben, zij het niet zo uitgesproken als de plantensterolen.
Binnen de groep polyonverzadigde vetzuren staan de laatste jaren vooral de zogenaamde omega-3- en omega-6-vetzuren in de kijker omwille van hun gunstige werking.
Wat zijn nu polyonverzadige vetzuren?
En wat is omega-3 en omega-6?
Polyonverzadigde vetzuren zijn vetzuren waarvan de molecule meerdere dubbele bindingen bevat.
In de figuur hieronder heb ik aangeduid wat zo'n dubbele binding is.
Omega-3 en omega-6 slaat op de plaats van de dubbele binding in de molecule.

omega-3 Het omega-3-vetzuur hierboven is alfa-linoleenzuur.
Het omega-6-vetzuur hierboven is linolzuur.
Beide zijn zogenaamde essentiële vetzuren, d.w.z. dat ons lichaam ze nodig heeft om normaal te kunnen functioneren, maar dat ons lichaam ze niet zelf kan maken. We moeten ze dus met onze voeding naar binnen krijgen. En juist: kijk maar eens op je pakje Becel of Alpro: ze zitten er in!

Eten is dus geen gewone zaak meer. Chemie is het alfa et omega als je wil weten wat je naar binnen werkt en waarom.
Je zou er "begot" soms beginnen van vasten!

donderdag 19 februari 2009

Dagdromen om te vermageren

Je weet het: we worden langs alle kanten aangemaand om ons energieverbruik zo laag mogelijk te houden.
Je kent de sluimerende verbruikers wel: de standby-ledjes op je TV, op je DVD-speler, op je printer,... En zou dat lampje van de frigo wel echt uitgaan als je de deur dichtdoet.?

Uitdoen. De frigo niet natuurlijk, dat is een kwestie van geloof. Uitdoen kan je ettelijke kilowattuur aan energie opleveren.

Maar hoe zit ons met onze eigen hersenen?
Daar is het nog erger. Uit onderzoek met PET- en MRI-scanners blijkt dat die zelfs geen standby hebben.
Om te beginnen zijn onze hersenen grootverbruikers: met hun anderhalve kilogram (dat is bij mij maar 1,5% van mijn totale massa) verbruiken ze 20% van de beschikbare lichaamsenergie!
Komt daar nu bij dat ze, als we zogezegd niets aan het doen zijn, toch op volle toeren blijven draaien.
Meer zelfs. Uit recent onderzoek, gepubliceerd door neurowetenschappers o.a. van de Amerikaanse Stanford universiteit blijkt dat bij dagdromen een bepaald gebied van onze hersenen, het zogenaamd default mode netwerk, hyperactief wordt. Dit is het paarse gebied op het beeld hieronder:

En hoe sterker dit netwerk ontwikkeld is, hoe grotere dagdromer je bent.
En hoe meer je dagdroomt, hoe meer energie je hersenen verbruiken. Die energie kan dan niet meer elders opgeslagen worden: je verdikt dus niet tijdens dagdromend nietsdoen.

Als ik soms in de zetel in stilte zit te niksen zegt Mia dikwijls "a penny for your thoughts".
Sinds ik de resultaten van de Stanford-wetenschappers gelezen heb, antwoord ik met
"Sst! Ik ben aan het vermageren!"
Maar als ik mij zo in de spiegel belijk, zal ik nog veel moeten dagdromen...