Posts tonen met het label Kepler. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Kepler. Alle posts tonen

zaterdag 12 januari 2013

Kepler vindt een super Goudlokje: KOI-172.02

Wie mijn blogje van in de beginne gevolgd heeft, weet dat ik hier op 7 maart 2009 de start aangekondigd heb van NASA’s Kepler-project: de zoektocht naar aardachtige planeten rond zonachtige sterren in een beperkt gebied van ons melkwegstelsel.
Ondertussen zijn we bijna 4 jaar verder en het resultaat is overweldigend.
Zelfs al is er maar gezocht in een minuscuul klein deeltje van het heelal, toch heeft Kepler tot nu toe niet minder dan 2740 “potentiële aardkandidaten” gevonden!
NASA neemt aan dat minstens 90% daarvan bonafide planeten zijn en geen planetoïden of dubbelsterren.
Bedenk daarbij dat Kepler alleen die planeten kan detecteren die direct tussen de ruimtetelescoop en hun zon passeren. Wellicht zijn er dus nog veel meer aardachtige planeten die niet goed gelinieerd zijn om door Kepler geregistreerd te worden.

Zeer recent (7 januari 2013) is er binnen die grote verzameling een super-kandidaat ontdekt die aan drie belangrijke voorwaarden voldoet: de KOI-172.02.
Tussen haakjes: KOI staat voor Kepler Object of Interest.
Wat zijn de kenmerken van KOI-172.02?
  • hij beweegt in een zogenaamde “levensvatbare zone” rond zijn ster. D.w.z. op een afstand van zijn ster die qua temperatuur leven in waterig midden mogelijk maakt.
    Die levensvatbare zone wordt door NASA de Goudlokjes-zone genoemd.
    Daarmee wordt verwezen naar het bij ons minder bekende sprookje van Goudlokje en de drie beren. In dat sprookje proeft Goudlokje van drie borden pap, maar slechts één heeft de juiste temperatuur, net zoals onze KOI…
    Zeg nu nog eens dat astronomen en natuurkundigen niet romantisch kunnen zijn!
  • hij heeft een massa van 1,5 keer die van onze aarde
  • en zijn ster is van het stabiele zonachtige type, een beetje kouder dan onze zon
Vooral die laatste voorwaarde is belangrijk omdat de meeste sterren waarrond planeten bewegen, zogenaamde rode dwergen zijn, met een te lage temperatuur om aardachtig leven op die planeten mogelijk te maken.
Hieronder zie je een zogenaamde infographic waarin KOI-172.02 met onze aarde vergeleken wordt:

Find out the facts about the most Earth-like exoplanet yet found in this SPACE.com infographic.

En zo gaat het tegenwoordig: KOI-172.02 is nog maar net aangekondigd of op internet gonst het al van fantasierijke verhalen over een “alien-aarde”.
Laat ons maar even afwachten wat verder onderzoek van deze interessante kandidaat oplevert.
En misschien tovert Kepler binnenkort nog veel boeiender Goudlokjes uit zijn hoed…

woensdag 9 februari 2011

Weer Kepler-nieuws

Wie mijn blogje leest weet dat ik van in den beginne aandacht geschonken heb aan het Kepler-project: 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7. Zeven keer heb ik het er hier dus al over gehad.
Die lezers weten ook dat de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA met dit project op zoek gaat naar aardachtige planeten in een “beperkt” gebied van ons Melkwegstelsel tussen de sterrenbeelden Zwaan (Cygnus) en Lier (Lyra).

En er is weer nieuws.
Niet dat er nu al een tweede aarde ontdekt is, maar er is toch wel iets speciaals te melden.
De Kepler-telescoop heeft recent in zijn observatiegebied (zie beeld hieronder) een compact planetenstelsel ontdekt rond een ster die veel gelijkenis vertoond met onze zon.

image

Dit “zonnestelsel” rond de “zon” die men Kepler-11 genoemd heeft, bestaat uit 6 planeten, allemaal groter en zwaarder dan onze aarde.
Hun grootte vergeleken met onze aardstraal Ra ziet er als volgt uit:

image

Ze draaien in banen die dicht bij de ster gelegen zijn, waardoor de kans op aards leven (aanwezigheid van water) vrijwel uitgesloten is.
Maar de ontdekking van zo’n uitgebreid planetenstelsel rond een zonne-achtige ster, sterkt de NASA-astronomen in hun overtuiging dat er in het gebied meerdere kandidaat-zonnen met planetenstelsels voorkomen.
Daardoor vergroot natuurlijk de kans om planeten in een levensvatbare zone rond een ster te ontdekken.

Kepler is dus op goede weg.
Zouden we het toch nog meemaken?

zaterdag 28 augustus 2010

Op zoek naar exo-broertjes- en zusjes

Een paar dagen geleden was het overal nieuws: op TV en in de dagbladen werd ons gemeld dat astronomen met behulp van de 3,6 meter-telescoop van de Europese Zuidelijke Sterrenwacht in La Silla in Chili, een zonnestelsel met 5 tot 7 planeten hadden ontdekt.
Dit stelsel, qua configuratie vergelijkbaar met ons eigen zonnestelsel, bevindt zich op 127 lichtjaar van ons af.
Niet dat we er dan zomaar eventjes een kijkje kunnen gaan nemen of er ook “aardmannetjes /aardvrouwtjes” op één van die planeten rondlopen. Maar 127 lichtjaar is een peulschil op astronomische schaal.

En blijkbaar zijn we nu echt het tijdperk van het exo-planetenonderzoek ingedoken want gisteren was er weer hot-news.

image

Ik heb het hier al een paar keer gehad over het Kepler-project waarmee NASA op zoek is naar aard-achtige planeten.
Gisteren meldde de Amerikaanse ruimtevaart organisatie dat Kepler een zonnestelsel ontdekt heeft met een ster die op onze zon gelijkt.
Rond die zon draaien minstens drie planeten.
Twee Saturnus-achtige planeten ( je weet wel: die planeet met de ringen).
Maar vooral een derde planeet is interessant, want dat is er één die toch een beetje aard-achtige kenmerken lijkt te hebben. Zo is zijn massa vergelijkbaar en slechts 1,5 keer die van onze planeet. Het zonnestelsel bevindt zich op zo’n 2000 lichtjaren afstand in het gebied van de sterrenstelsel Zwaan (Cygnus) en Lier (Lyra). Dit is het ruimtegebied dat permanent door de Kepler wordt geobserveerd.

Kepler is nog maar 7 maanden actief en heeft nog 3,5 jaar voor de boeg.
Dit zijn dus nog maar de eerste resultaten.
Het ziet er goed uit voor onze exo-broertjes- en zusjes.

zondag 16 augustus 2009

HAT-P-7b doet rare toeren

Je zal zich (hoop ik) mijn berichtje van maandag nog herinneren over mijn favoriete Kepler-satelliet.
Hoe die met succes een transitie van HAT-P-7b vóór de ster HAT-P-7 geregistreerd heeft. Een waarneming van een gebeuren op zo'n 1000 lichtjaren van ons af.
Kepler is dus klaar om het (dure) werk te doen waarvoor hij gelanceerd is.

Maar planeet HAT-P-7b blijft ook zijn publiciteit verzorgen.
Een team astronomen van het MIT (Massachusetts Institute of Technology) onder leiding van Joshua Winn, heeft nu met Japanese Subaru telescoope vastgesteld dat HAT-P-7b omgekeerd rond zijn ster HAT-P-7 draait.

Wat betekent dat omgekeerd?
Laat ons daarvoor even de rotatie van de planeten in ons eigen zonnestelsel bekijken.
Die draaien allemaal braafjes rond de zon in dezelfde zin als de zon rond haar eigen as draait.
En dat is vrij logisch als men ervan uit gaat dat die planeten ontstaan zijn uit enorme gasmassa’s die zich van onze roterende zon hebben losgescheurd.

rotatie1

Daarenboven draaien Mercurius, Venus, Aarde, Mars, Jupiter, Saturnus en Neptunus vrijwel in éénzelfde vlak dat slechts heel weinig helt (ongeveer 7°) t.o.v. de zonne-evenaar.
Pluto is hier een uitzondering. Maar je weet hoe men over het planeet zijn van Pluto denkt.

Hoe kan nu een planeet in omgekeerde zin rond zijn ster gaan draaien?
Dat zou kunnen als zijn rotatievlak zeer sterk gaat hellen t.o.v.
van de evenaar van zijn ster.

rotatie2
Je ziet dat als de helling van het rotatievlak t.o.v. de sterrenevenaar groter wordt dan 90°, de ster t.o.v. de waarnemer in de tegengestelde zin beweegt.

Maar hoe kan de helling van het rotatievlak van een planeet t.o.v. de sterrenevenaar zo groot worden?
Daar zijn de astronomen nog over aan het speculeren.
Er zou een “close encounter” met een andere planeet van de HAT-P-7 ster kunnen geweest zijn, waardoor de gravitatiekrachten tussen de twee planeten de baan van HAT-P-7b deed hellen.
Of misschien is er wel een zusterster in de buurt die haar zwaartekrachten laat spelen.
Volgens Winn moet er in elk geval een ander hemellichaam in de omgeving zijn om de baan van de planeet zo te kunnen verstoren.
De astronomen zoeken verder.
En ik laat iets weten als ik er iets over lees.

Je ziet het. Er valt voortdurend wat te beleven in die enorme ruimte waarin we op ons petieterig aardbolletje rondzweven.
De wonderen zijn het heelal dus nog lang niet uit.
En wij beseffen (hoop ik) van langs om meer dat we eigenlijk (bijna) niets weten.