Posts tonen met het label milieu. Alle posts tonen
Posts tonen met het label milieu. Alle posts tonen

zaterdag 28 juli 2012

Minder papier hier!

Als je op reis bent en je houdt onderweg een stop om je even te verfrissen en het toilet te gebruiken, dan zal het je zeker ook al wel opgevallen zijn: in de buurt van de lavabo’ zitten de afvalbakken propvol papieren handdoekjes.
Een enorme papierverspilling omdat we slordig en verspillend te werk gaan.
Zo worden in de USA jaarlijks maar liefst 13 miljard van die papieren handdoekjes verbruikt!

Joe Smith wil daar iets aan doen, en leert ons in onderstaand videootje hoe we het beter kunnen aanpakken en toch met propere en droge handen verder kunnen reizen.
Schudden en vouwen” is zijn besparende instructie.
Kijk maar eens wat hij daarmee bedoelt en… breng het in praktijk als je er de volgende dagen op uit trekt!

zaterdag 17 maart 2012

Wissen, wiste, gewist

Ik heb nog de tijd meegemaakt dat inktvlekken en fouten gewist werden met een setje van twee flesjes: een kleurloze vloeistof en een donker paarse.


Toen ik later chemie ging studeren, begreep ik dat het hier om een kaliumpermanganaatoplossing (paars) en natriumthiosulfaatoplossing (kleurloos) ging.
Het inktwissen was pure chemie. Het permanganaat oxideerde de inktleurstof zodat de kleur verdween en het bruine mangaandioxide (MnO2) dat daarbij ontstond werd op zijn beurt door het thiosulfaat omgezet tot vrijwel kleurloos mangaanoxide (MnO).
Het werkte maar het was een geknoei.

Een paar jaar later kwamen de “Tintenkillers”.



image

En weer was hun werk niets anders dan chemie.
Maar in dit geval was er maar één actieve stof op de killerstift aanwezig: natriumsulfiet.
Dat natriumsulfiet verandert de chemische structuur van de inktkleurstof zodanig dat ze geen zichtbaar licht meer absorbeert en daardoor kleurloos wordt.

Toen kwamen “de potjes”, de Tipp-Ex.


File:TippexOldStyleBottle.jpg

De werking daarvan was eigenlijk fysica.
De witte vloeistof die in de potjes zit is titaniumdioxide opgelost in vluchtige oplosmiddelen.
Strijk je die oplossing over “een foutje” uit, dan verdampt het oplosmiddel en het witte deklaagje blijft achter. Tegenwoordig kan je dat laagje titaniumdioxide ook via een afstrijkrolletje op de fout aanbrengen. Dan zijn er geen schadelijke oplosmiddelen nodig.

Al die correctorstoffen waren nuttig vóór de tijd van de tekstverwerking.
Van zodra die op het toneel verscheen was hun rol grotendeels uitgespeeld. Fouten zijn nu verbeterbaar vóór er iets op papier komt.
En er komt nog altijd heelwat op papier!
En er wordt nogal wat bedrukt papier in de vuilmand gegooid, meer dan ooit.
Recyclage kan, maar dat is heel bewerkelijk en niet al te milieuvriendelijk.
Maar er is een oplossing op komst.

Een Engels-Duitse groep onderzoekers is er in geslaagd om met groen laserlicht tonerinkt van bedrukte pagina’s te verdampen, terwijl het papier onbeschadigd achterblijft! Hetzelfde blad papier kan dus meerdere keren gebruikt worden.
In de Proceedings of the Royal Society vind je een samenvatting van hun vondst.
Voorlopig is er nog geen “wisprinter” (of moet het “printwisser” zijn?) commercieel beschikbaar, maar dat zal wellicht een kwestie van tijd zijn.

Groen laserlicht dat er voor zorgt dat er minder papier nodig is en dat er dus minder bomen moeten sneuvelen.
Groener kan het niet…

dinsdag 15 februari 2011

LED-problemen

Je kan er niet naast kijken: de LED’s zijn in opmars.
Van LED-lampen tot LED-TV’s, je begint ze overal te zien.
Vorige zaterdag waren ze nog tegen een zacht prijsje te koop in de Aldi:

image

Die toepassingen van Light Emitting Diodes worden door de reclamejongens en  -meisjes voorgesteld als de ecologisch betere opvolgers van gloeilampen, spaarlampen, buislamp-TV’s, LCD- en Plasma-TV’s enz.
Maar of hun ecologische meerwaarde zoveel hoger is dan die van hun recente voorgangers (spaarlampen, LCD-TV’s,...)? Het is nog maar de vraag.
Misschien zijn LED-lampen wel zuiniger in energieverbruik, hebben ze een langere levensduur en bevatten ze, in tegenstelling tot spaarlampen, geen kwik.
Maar er zijn andere milieuproblemen gesignaleerd.

In Environmental Science and Technology van januari maken wetenschappers van de University of California zich zorgen over de aanwezigheid van lood, arsenicum en een resem andere potentieel gevaarlijke stoffen in de LED’s.
Het volledige artikel is hier te lezen en te downloaden.

De aanwezige metalen zijn inderdaad in het verleden dikwijls gelinkt aan neurologische aandoeningen, nierziekten, kankers,…
Volgens de wetenschappers zou men bij het breken van LED-lampen dezelfde veiligheidsvoorschriften moeten in acht nemen als bij het breken van TL-lampen.
Er zou ook een inleverplicht op containerparken moeten komen.
Nu kunnen LED-lampen met het gewone afval meegegeven worden dat aan huis wordt opgehaald. En zacht worden die vuilzakken niet behandeld. De kans dat zich breken gevaarlijke concentraties giftige en schadelijke metalen verspreiden is bijgevolg groot.

LED’s zonder problemen? Vergeet het maar.

dinsdag 15 juni 2010

Over de Deepwater peulschil

Terwijl in er ons Belgenland én in Nederland werk aan de winkel is om nieuwe regeringen te vormen, blijft in de Golf van Mexico de olie maar in zee stromen.
Men schat dat er al een volume van 50.000.000 vaten olie in de oceaan terecht gekomen is.
Alhoewel het om de ergste olieramp gaat in de geschiedenis van de VS, is dit bij ons nauwelijks nog nieuws.
Een duidelijker bewijs van hoe nieuws door de media zelf gemaakt wordt, kan je niet vinden.



Maar volgens een artikel in de Scientific American, is de olieramp met het Deepwater platform peanuts vergeleken met wat er jaarlijks in Afrika gebeurt
En daar kraait zelfs hélemaal geen mediahaan over!

Volgens het tijdschrift (dat steunt op een artikel in Commodities Now), gebeuren er in Niger jaarlijks 300 dergelijke olierampen!
Gedurende de voorbije 50 jaar zou er in de Afrikaanse Niger delta, al het equivalent van minstens 450.000.000 vaten olie terecht gekomen zijn!
Amnesty International geeft op zijn website meer details hierover.
Maar ook elders in de wereld, van Australië tot Venezuela, gebeuren er voortdurend dergelijke rampen die niet in het nieuws komen.
Met alle gevolgen van dien voor het milieu én de gezondheid van mensen.
En dan maar leuteren over een politieke tsunami

woensdag 2 juni 2010

10 jaar aarde in 10 beelden

Scientific American vergast ons deze week op een diamontage met 10 beelden over onze aarde opgenomen door de Terra-satelliet van NASA.

image
Terra is in februari 2000 begonnen aan een 15 jaar durende missie.
De bedoeling: data verzamelen waarmee wetenschappers de evolutie in het klimaat en de omgevingsfactoren kunnen bestuderen.
Op basis daarvan kunnen wetenschappelijk verantwoorde prognoses gemaakt worden en kunnen gefundeerde adviezen gegeven worden aan de politieke beleidsmakers.

Scientific American toont ons in die montage een fotobloemlezing van markante waarnemingen die Terra in de voorbije 10 jaar gedaan heeft.
Als je op bovenstaand beeld klikt, zal je merken dat onze aarde in het voorbije decennium al heel wat heeft moeten incasseren.
Het is goed dat wij allemaal ons dat duidelijk realiseren.
Maar vooral diegenen die politieke verantwoordelijkheid dragen zouden hier rekening mee moeten houden en niet nodeloos energie verspillen aan pietluttige discussies.

dinsdag 11 mei 2010

Even jullie aandacht voor een zeer grote olievlek

De Europese monetaire crisis, binnenlands politiek gekrakeel, pedofilie in de katholieke kerk, wangedrag op de voetbalvelden enz.
Dit alles houdt onze aandacht weg van het feit dat onze aarde op dit ogenblik te maken heeft met één van de grootste milieurampen ooit: de enorme olievervuiling in de Golf van Mexico.
Per dag lekken daar nog steeds 800.000 liter (!) olie in zee na de ontploffing op 20 april van het Deepwater Horizon boorplatform.

Als je op onderstaand beeld klikt, kan je een idee krijgen van de grootte van de oppervlakte van de reuze vlek die op dit ogenblik op de Atlantische Oceaan drijft vóór de Amerikaanse kust.
De mashup achter de Google Map die ons daar een idee over geeft, laat toe op de oppervlakte van de olievlek eens te vergelijken met de oppervlakte van wereldsteden zoals Parijs en London.
Je kan zelfs een stad naar keuze ingeven.
Probeer maar Brussel, Gent, Amsterdam eens, of je eigen dorp en je zal je meteen realiseren wat een milieuramp zich op de achtergrond van de zogenaamd hetere actualiteit aan het afspelen is.

Nog even dit: de mashup veronderstelt dat je de Google Earth Plugin geïnstalleerd hebben. 
Maar die zou niet meer op je PC mogen ontbreken als je wil genieten van de fantastische mogelijkheden die Google Maps en Google Earth ons bieden.

image

maandag 15 juni 2009

Even mijmeren over het CO2 –probleem.

Tijdens het weekend kwam er een laatstejaars van het middelbaar onderwijs in extremis nog een beetje uitleg vragen over koolstofchemie.
Het verbranden van koolwaterstoffen kwam daarbij ter sprake.

Koolwaterstoffen (KWS) zijn relatief eenvoudige stoffen die, zoals hun naam het duidelijk maakt, maar uit 2 atoomsoorten zijn opgebouwd: koolstof (C) en waterstof (H).
Een belangrijke groep van die KWS zijn in gebruik als brandstoffen: benzine, mazout, diesel,…
En bij die verbranding, komt energie vrij. Grotendeels onder de vorm van warmte.
Maar bij die verbranding wordt er ook CO2 en H2O gevormd.
Als we b.v. butaangas verbranden, verloopt de volgende reactie:

KWS1


Ook bij biologische processen worden er koolstofverbindingen verbrand en ontstaat er CO2 en H2O.
Zolang die CO2-productie de spuigaten niet uitloopt, kan de natuur die CO2 via fotosynthese weer wegwerken en er zelfs bruikbare suikers en zuurstofgas van maken.

KWS2

Maar!
De CO2-productie loopt spijtig genoeg wel degelijk de spuigaten uit!
De fotosynthese kan niet meer volgen.
De CO2- concentratie in de aardse atmosfeer neemt toe en zorgt voor een serre-effect. De aarde warmt op.

Mijn student wist dat ook allemaal.
En hij stelde de vraag waarom we het CO2-probleem niet zouden oplossen door, via een chemische reactie, de CO2 te splitsen in C en O2.
Een goede vraag waar we eventjes over “doorgeboomd” hebben.

De wet van het behoud van energie leert ons: als er bij de verbranding van C tot CO2 energie vrijkomt, dan zal er bij de splitsing van CO2 in C en O2 energie nodig zijn.
Van waar halen we die energie?
Toch niet uit de verbranding van aardolie of kolen zeker, want dan maken we meer CO2 dan we kunnen splitsen omdat geen enkel proces met 100% rendement verloopt.
Zo eenvoudig is het dus niet.

Maar misschien kan zonlicht wel als energiebron gebruikt worden om die splitsing te realiseren.
In de Amerikaanse Sandia National Laboratories is men naarstig op zoek om CO2 en H2O met geconcentreerd zonlicht om te zetten in CO, H2 en O2.

KWS3

Zoals je hierboven kan zien, kan CO + H2 omgezet worden tot methanol.
En methanol kan als nuttige uitgangsstof voor de synthese van veel andere stoffen gebruikt worden.
Zelfs als men methanol verbrandt (als vervanger van benzines b.v.), dan is de CO2-productie beduidend minder dan bij de verbranding van KWS: zie het cijfertje vóór CO2 in de laatste reactie en dat vóór de CO2 in de allereerste reactie van dit bericht.

Je ziet dat er koortsachtig naar oplossingen voor het CO2-probleem gezocht wordt.
En om goed inzicht te krijgen in het probleem en de zoektocht naar oplossingen, is een beetje chemie nooit weg.
Mijn student had dat ook wel begrepen.
Ik hoop dat hij het goed doet op zijn examen.
Ik duim in elk geval.

donderdag 11 juni 2009

Ken je een pygmee jerboa?

Per toeval kwam ik deze morgen vroeg op Zooillogix terecht, waar een filmpje werd getoond van een jerboa. Een pygmee jerboa nog wel.
Ik had er nog nooit van gehoord.
Het ziet er een soort mini-kangoeroe uit, met zijn/haar lange achterpoten.
En een pygmee jerboa moet dan wel een mini-mini-kangoeroetje zijn.
3,2 gram. Het beestje ziet er nogal lief uit, maar je weet toch nooit: zou dat bijten?

donderdag 14 mei 2009

Doet de zon raar?

De zonne-astonomen zitten toch wel een beetje met problemen.
Want de zon doet niet wat ze van haar verwachten.
De zon “moet” door een min of meer regelmatige cyclus van zonneactiviteit gaan, met voorspelbare minima en maxima in zonne-activiteit. Zo’n cyclus duurt ongeveer 11 jaar.
En daar loopt het nu (een beetje?) mis.

zonneactiviteit

Klik op het beeld voor een grotere weergave

Normaal had men al in maart 2008 een minimum in de zonneactiviteit verwacht en aansluitend de opstart van een nieuwe cyclus: de zogenaamde solar cycle 24. Dit is de 24ste cyclus sinds het begin van de zonnewaarnemigen in 1749.
Die nieuwe cyclus zou dan zijn maximum moeten bereiken op het einde van 2011 tot midden 2012.
Maar de zon deed niet mee. De activiteit bleef uitermate laag en men neemt nu aan dat ze haar minimum bereikt heeft in december 2008. Met een vertraging van een 9-tal maanden dus.
Blijkbaar is er iets mis met het model waarop de cyclusberekeningen steunt. Er moet dus verder onderzoek gebeuren en het model moet aangepast worden.

Intussen zijn de zonne-astronomen het er wel over eens dat cyclus 24 nu toch wel echt begonnen is.
Met de waargenomen vertraging denkt men nu dat het maximum midden 2013 zal bereikt worden.
Recent is al een toenemende activiteit waargenomen.
Hieronder zie je een beeld van 9 mei, afkomstig van NASA’s STEREO-satellieten die speciaal voor zonnewaarnemingen gelanceerd zijn.
De 2 lichte vlekken boven rechts zijn zonnevlekken.
Zonnevlekken zijn koelere ( maar toch nog zo’n 4500°°C!) vlekken op het zonne-oppervlak. Ze hebben gemiddeld een diameter ter grootte van onze aarde. Het ontstaan van die vlekken hangt samen met kolossale erupties van geladen deeltjes. Daardoor ontstaan zonnewinden die ook hun invloed hebben op onze aardse atmosfeer.

image
Er bestaan duidelijke meningsverschillen over de intensiteit die de zonne-activiteit in de nieuwe cyclus zal bereiken. Volgens sommigen zal die laag zijn, volgens anderen hoog.
Het zal dus afwachten worden.
Maar de gevolgen zijn belangrijk.
Een gemiddeld lage activiteit zou volgens sommigen kunnen leiden tot een mini-ijstijd. D.w.z. een korte periode van een iets lagere gemiddelde temperatuur op aarde.
Hoge activiteit met energierijke zonnewinden kan tot ernstige storingen leiden in elektriciteitsvoorzieningen, GPS, GSM, satellietverbindingen enz.
Het NASA-filmpje hieronder geeft daar wat meer informatie over.

In deze tijd van klimaatdiscussie wordt de zonne-activiteit ook onmiddellijk gekoppeld aan de oorzaak/oorzaken van de klimaatsverandering.
Er is een kamp dat in die koppeling gelooft.
Vooral een Deense groep rond Hendrik Svensmark haalt daar argumenten voor aan.
Een ander kamp, het IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change) minimaliseert de invloed van de zonne-activiteit
Die discussie is volop aan gang.
Ik wacht nog even af om daar verder over te bloggen.

donderdag 30 april 2009

Het is ook nooit (helemaal) goed

Je zal je nog wel herinneren hoe we op het einde van de vorige eeuw (halverwege de jaren 90) zijn overgeschakeld op loodvrije benzines.
Voordien werd tetra-ethyllood aan benzines toegevoegd om de zogenaamde klopvastheid van benzines te verhogen.

Tetra-ethyllood - beeld Wikipedia

Ik ga hier niet te hele technische uitleg doen over klopvastheid.
Wie daar interesse voor heeft kan te rade gaan bij Wikipedia.
Het komt er op neer dat de loodverbinding ervoor zorgde dat de samengeperste lucht-benzinemengsels in de motor niet vanzelf gingen ontbranden vóór "de bougie" zijn vonk gaf. Daardoor liep de motor soepeler.
Máár: het lood kwam via de uitlaatgassen in de natuur terecht en b.v. via grassen en koeien uiteindelijk in de mens. Met alle schadelijke gevolgen van dien. Want lood is vergif voor de mens.

2008 - 2009. Dus 10 à 15 jaar later. We worden er ons meer en meer van bewust dat de aarde langzaam opwarmt. Over dat feit wordt eigenlijk niet meer gediscussieerd. Over de reden van die opwarming bestaan er wel meningsverschillen waar we hier niet op ingaan.

Maar nu komt het.
In Nature Geoscience van 18 april jl. publiceerden een aantal wetenschappers van het Pacific Northwest National Laboratory in Richland Washington onder leiding van Dan Cziczo een artikel waaruit je kan opmaken dat het vanuit klimaatoogpunt misschien beter was geweest lood te blijven gebruiken!
Hoe kan dat nu?
Dan moeten we eens gaan kijken hoe wolken ontstaan.

Om wolken te maken moeten er in de atmosfeer heel kleine deeltjes aanwezig zijn die kunnen dienst doen als condensatiekernen.
Dat kunnen stofdeeltjes zijn of zelfs bacteriën.
Op die condensatiekernen slaan dan waterdruppels en ijskristallen neer en zo groeit er langzaam een wolk. Dat zie je hieronder schematisch weergegeven.

wolken
De Amerikaanse onderzoekers hebben nu in hun lab kunstwolken gemaakt. Ze gebruikten daarbij steeds andere soorten stofdeeltjes als condensatiekernen.
En wat bleek?
Dat wolken zich gemakkelijker vormen wanneer de deeltjes die als condensatiedeeltjes optreden lood bevatten.
Lood zorgt ervoor dat de stofdeeltjes zich als het ware als super-condensatiekernen gedragen.

Vóór de loodvrije benzines zat er veel meer lood in de lucht dan nu.
Er waren daardoor toen ook meer wolken dan nu.
Er werd dus ook gemiddeld meer zonlicht teruggekaatst in de ruimte dan nu het geval is.
De groep rond Dan Cziczo komt dan ook tot de conclusie dat lood de opwarming van de aarde met tientallen jaren vertraagd heeft.

Lood in de lucht: slecht voor de gezondheid, maar goed voor het klimaat.
Zo zie je maar: wat mensen doen is eigenlijk nooit helemaal goed.

woensdag 25 maart 2009

Groene blondjes

In mijn blogbericht van 11 maart had ik het over de ophoping waterstofperoxide (H2O2) in de haarzakjes als oorzaak van het grijs worden.
Ik heb het er toen ook over gehad dat H2O2 door kappers dagelijks gebruikt wordt om haar te bleken (mèchen).
Maar zoals ik toen ook al zei: waterstofperoxide is een onstabiele, agressieve stof.
Niet te verwonderen dat chemici op zoek gaan naar een zachter haarbleekmiddel.
En in het teken van deze tijd zoekt men dan bij voorkeur naar een natuurlijk middel dat zo weinig mogelijk het milieu belast.

En eureka!
Het groene middel is blijkbaar gevonden!
Op het lentecongres van de American Chemical Society heeft de Japanse chemicus Kenzo Koike het zachte heelmiddel voorgesteld.
Het gaat om een enzym uit de witrotsschimmel (Basidiomycete ceriporiopsis) van de familie van het gekende elfenbankje.


De afkomst van het goedje voorspelt niet veel goeds voor wat de geureigenschappen betreft en dat lijkt ook zo te zijn.
Maar ja, je moet er iets voor over hebben om schoon te worden en daarbij: coiffeurs hebben knijpertjes genoeg.


Het is toch nog even wachten, want Koike wil nog verder onderzoeken hoe het enzym precies werkt. Blijkbaar kan het niet helemaal alleen de taak aan en zijn er nog kleine hoeveelheden waterstofperoxide nodig om de bleekreactie op gang te brengen.
Het bedrijf waarvoor Koike werkt, Koa Corporation in Tokio, zoekt ook naar middelen om het enzym synthetisch te maken, want de extractie uit de schimmel levert te geringe hoeveelheden op.
En voor die synthetische bereiding wordt beroep gedaan op spitstechnologie. Men heeft namelijk het gen (een stukje DNA) kunnen isoleren dat de code bevat waarmee de schimmel het enzym produceert. Dit gen werd ingeplant in het genetisch materiaal (DNA) van de Escherichia coli. Dit is de darmbacterie die in uw en mijn darmen permanent aan 't werk is om ons voedsel te helpen verteren. In laboratoria is E.coli een duiveltje-doet-al bij biochemische experimenten.
Het is nu kwestie van het coli-bacterie-fabriekje goed op gang te krijgen. Mooi staaltje van genetische manipulatie en gentechnologie.

Voilà, binnenkort kan je op een groene manier blond worden.
Als je er maar niet groen van wordt...achter uw oren.

dinsdag 24 maart 2009

Dat het LED-licht schijne...binnenkort

Jullie zullen ook al wel gehoord of gelezen hebben dat de Europese Commissie plannen heeft om de gloeilamp in Europa vanaf september 2009 gefaseerd uit de rekken te halen. In 2012 moet de verkoop ervan helemaal stilvallen.
De gloeilamp wordt dan vervangen door de spaarlamp die minder energie verbruikt en minder milieubelastend zou zijn.

1milieu - Gloeilamp
Wat die mindere milieulast van de spaarlamp betreft zijn er de laatste tijd wel wat twijfels gerezen. Een spaarlamp is immers niet anders dan een samengeplooide TL-lamp met, net zoals haar langere broer, een binnenkant vol giftige fluorescentiezouten (het witte poeder op de binnenkant van de glaswand) én met een kleine hoeveelheid kwikdamp. Ik ga daar niet verder op in.
Maar ondertussen is er al een geduchte concurrent van de spaarlamp op de markt verschenen: de LED-lamp. En die biedt nog veel betere energie- en milieutroeven dan de spaarlamp.

Om een gloeilamp licht te laten geven moet de gloeidraad tot 1700°C opgewarmd worden en slechts een beperkt deel van die warmte-energie wordt in zichtbaar licht omgezet. Het overgrote deel wordt weer uitgestraald als warmte zoals je al zal gevoeld hebben als je eens een kapot peertje wilde vervangen onmiddellijk nadat het de geest gaf. Er wordt maar 5% van de elektrische energie in lichtenergie omgezet.
Veel energieverspilling dus. En omwille van de hoge temperatuur ook een beperkte levensduur: gemiddeld 800 uur voor een 100 W-lamp.

Spaarlampen en TL-lampen zijn al heel wat zuiniger. Er moet toch nog wel behoorlijk wat energie ingepompt worden om de hoge spanning op te bouwen die nodig is om de kwikdamp ultraviolet licht (UV) te laten uitstralen. Dat UV-licht doet op zijn beurt de fluorescentiepoeders op de glaswand zichtbaar licht uitsturen. Dit is zogenaamd koud licht. Er gaat dus minder energie onder de vorm van warmte verloren. Bij de omzetting van UV-licht naar zichtbaar licht in de fluorescentiepoeders gaat er wel een (klein) deel energie verloren.
De spaarlampen hebben dan ook een langere levensduur dan de gloeilampen: ze leven gemiddeld 10 maal langer, dus ongeveer 8000 uur.
Het lichtopbrengst is daarenboven ook een stuk hoger: per Watt levert zo'n lamp tot 6 keer meer licht dan een gloeilamp. Je kan dus hetzelfde lichteffect bereiken met een lamp die 6 keer minder energie verbruikt.

Omwille van hun grotere efficiëntie in energieverbruik en levensduur zijn spaarlampen nu voordeliger dan gloeilampen, ondanks de nog hogere aanschafprijs

En die fameuze LED-lampen dan?
LED-lampen vragen in vergelijking met spaarlampen een veel minder hoge energie-input. En ze hebben een hogere lichtopbrengst. Het energieverbruik voor hetzelfde lichteffect is daardoor maar de helft van dat van een spaarlamp. En vergeleken met een gloeilamp verbruikt een LED-lamp zelfs 90% minder energie.
Het essentiële deel van de lampen bestaat "gewoon" uit stukken halfgeleidermateriaal (galliumarsenide). Bij de lichtproductie in dat materiaal treden er vrijwel geen opwarmingseffecten op. Daarenboven is de levensduur nog 6 à 7 keer langer dan die van een spaarlamp. Dus 50.000 uren. Dat komt er op neer dat zo'n LED-lamp 10 jaar lang 12 uur kan branden. Als men aanneemt dat een lamp in een woning per jaar genomen gemiddeld 3 u per dag aan is, dan zou een LED-lamp gemiddeld 40 jaar kunnen meegaan.
Omwille van de onoplosbaarheid van het galliumarsenide is ook de milieulast verwaarloosbaar t.o.v. die veroorzaakt door spaarlampen. En de LED-lampen zijn bijna onbreekbaar. Het omhulsel en de armaturen wel.

Waarom wachten we dan nog? Waarom schakelen we in Europa niet massaal over van de gloeilamp naar de LED-lamp?
De kostprijs! Een LED-lamp met een vergelijkbare lichtopbrengst als een gloeilamp van 100 W kost nog 30 keer zo veel. Voor particulieren is dit een nog te grote stap.
Maar voor verlichting van steden en grote gebouwen begint de energiewinst belangrijker te worden dan de installatiekost.
In de Verenigde Staten heeft het U.S. Departement of Energy (DOE) berekend dat 22% van alle elektriciteitsverbruik in de V.S. aan verlichting besteed wordt. En dat zal in Europa ook wel zo iets zijn.
Overschakelen naar LED-verlichting zou in de V.S. tegen 2028 een besparing van 280 miljard dollar opleveren.
Onderzoekers van het Renselaer Polytechnic Institute berekenden dat, als men wereldwijd de overschakeling naar LED-licht zou doen tijdens dit decennium, men 280 elektriciteitscentrales van 1.000 megawatt (1 megawatt = 1 MW = 1 miljoen watt) zou kunnen sluiten. Dat zou nog eens een bijdrage zijn aan het energievraagstuk en de klimaatproblematiek. Wat denk je daarvan mannen en vrouwen van de Nacht van de Duisternis?

Het gunstige effect op het energieverbruik heeft als gevolg dat er in de V.S. meer en meer steden, maar ook grote instellingen, op LED-verlichting overschakelen. Het Pentagon b.v. heeft al 4200 LED-lichtarmaturen geplaatst en de stad Los Angeles vervangt tegen 2014 140.000 straatlampen door LED-lampen.
Maar ook kleine projecten steken de kop op: in Italië heeft het stadje Torraca, met 1200 inwoners, zijn de straten volledig met LED-lampen verlicht. En fier dat ze zijn!
Waar wachten we in Romershoven nog op? Of moet het weer eerst in Hoeselt-Centrum gebeuren?...

donderdag 12 maart 2009

Biobrandstoffen kritisch onder de loep.

Vandaag staat er in De Standaard een uitgebreid artikel over het mislukte gebruik van biobrandstoffen in ons land.
Ik citeer even De Standaard-frontpagina:

Biobrandstoffen helpen ons land in de strijd tegen de broeikasgassen geen zier vooruit. Omdat ze bijna nergens verkrijgbaar zijn. Dat debacle brengt bovendien splinternieuwe bedrijven aan de rand van de afgrond.

Wat mij als scheikundige in de geciteerde zinnen onmiddellijk de oren doet spitsen is de bewering dat biobrandstoffen de strijd tegen de broeikassen vooruit helpt.
Hoe kan dat nu?
Als je diesel of bio-ethanol verbrandt komt er CO2 en water vrij en de hoeveelheid CO2 is, hoe zou het anders kunnen, onafhankelijk van de bron van de brandstof.
Zo levert de verbranding van 1 liter ethanol ongeveer 780 liter CO2, vanwaar die ethanol ook moge komen.
Mijn oud-leerlingen konden (kunnen?) je dat perfect narekenen:

ethanol

Zit er dan nog wel een voordeel aan die biobrandstoffen?

Een CO2-voordeel is er slechts in beperkte mate.
Biobrandstoffen kunnen hoogstens CO2–neutraal zijn. D.w.z dat ze evenveel CO2 de lucht insturen als de planten waarvan ze afkomstig zijn uit de lucht gehaald hebben bij de fotosynthese van hun plantenmateriaal.
Meestal is dat niet zo. Met moet immers ook rekening met de CO2 productie bij het transport van de grondstoffen naar de verwerkingsfabriek: plantenmateriaal transporteer je niet via pijpleidingen zoals ruwe aardolie b.v.
En dikwijls wordt bij de aanplant van de verwerkingsfabrieken bos of ander groen geliquideerd dat al CO2 uit de lucht haalde.
Wel komt er minder CO2 in de lucht dan bij verbranding van fossiele brandstoffen zoals kolen en aardolie, omdat de verbrande fossiele producten niet hernieuwbaar zijn en dus geen CO2 uit de lucht halen zoals planten die opnieuw aangroeien na de oogst dat wel doen.

Biodiesel heeft het voordeel dat de basisgrondstof biologisch afbreekbaar is daar waar de basisstoffen van fossiele diesel dat niet zijn. Denk maar aan de milieurampen als olietankers hun lading verliezen.
Het bevat ook minder zwavelhoudende verbindingen, waardoor verbranding minder zure regen zou produceren ware het niet dat er meer stikstofoxiden gevormd worden die dan weer voor meer zure regen zorgen. Men kan die stikstofoxiden wel tekeer gaan met katalysatoren, maar de productie daarvan moet ook weer op zijn milieueffect bekeken worden.
Biodiesel heeft ook een lagere energiewaarde, zodat er meer moet verbruikt worden voor hetzelfde energie-effect.

De toename in verbruik van van bio-diesel en bio-ethanol (zij het dan niet in België…) doet ook de vraag naar gewassen waaruit ze kunnen gefabriceerd worden, drastisch toenemen. In ontwikkelingslanden zoals Indonesië en de Filippijnen wordt dan ook al massaal bos gekapt om er in de plaats oliepalm te kweken. Ontbossing, gronderosie en verdwijnen van beschermde plant- en diersoorten zijn het gevolg.

  Oliepalmplantage op Borneo waar vroeger regenwoud was
Foto: Rhett A. Butler – Mongobay.com

De toenemende vraag naar graangewassen (mais, tarwe,…) waaruit biobrandstoffen maakt, kan tot een stijging van de voedselprijzen leiden en in de derde wereld zelfs tot voedselcrisis.
Er wordt dan ook naarstig gezocht naar nieuwe methoden om b.v. bio-ethanol te produceren uit de niet-eetbare gedeelten van graangewassen en uit grassen. Dit gaat niet zo gemakkelijk als uit de eetbare delen. Men probeert hiervoor nieuwe combinaties van goedkope enzymenmengsels uit, die de vergistbare suikers uit de plantenresten vrijmaken. Men hoopt dat deze methodes op termijn economisch concurrentieel kunnen worden met het extraheren van de suikers uit de eetbare plantendelen. Maar er is nog veel onderzoek te doen.

vergisting  Je ziet dat er niet zomaar victorie moet gekraaid worden en dat er niet zomaar moet geloofd worden dat het etiket bio garant staat voor milieu –en maatschappijgunstig zoals de media ons dikwijls willen voorspiegelen.

Amai, dat was zware kost vandaag.
Je ziet tot wat zo’n berichtje in de krant kan leiden voor een blogger.
Maar na de inspanning komt de ontspanning: morgen spelen we een spelleke!